zondag 26 februari 2012

Over auto’s gesproken.

Voor wie twijfelt: Mijn auto was geen seconde te koop. De tekst ‘Te koop’ (zie vorige blog) was zelfs niet uitgesneden. Deze foto was nep, bewerkt in Coreldraw. Wat me bepaald bij de vraag: hoeveel foto’s die we zien zijn gefotoshopt?

Daarmee is niet gezegd dat er niet één auto de deur uit gaat. De baas wil namelijk een nieuwe auto. Dat wordt dan zijn vierde bedrijfsauto. Na een Citroën Berlingo, die ik na drie dagen in elkaar reed, kwam een Fiat Doblo, die een grote miskoop bleek met zijn mankementen. Daarom werd die opgevolgd door een Volkswagen Caddy Combi en nu is de wens een Volkswagen Caddy – Combi -  Maxi. Een nóg langere auto (+ 40 cm.)!

Mij wordt niets gevraagd. Meer omdat Marcel mijn mening toch wel kent. Als ik het voor het zeggen had, werd het deze niet!!! Dan werd het een Fiat 500, zo schattig.

Als straf dat mijn mening niet telt, heb ik de eerste bedrijfsauto na 3 dagen in een kettingbotsing stilgezet. Mijn boodschap tijdens de eerste rit was:
    “Deze auto is me te groot. Ik voel me zo verloren. Ik zie de voorkant niet eens en heb geen idee waar de achterkant eindigt.” Boem is “ho” kon ik altijd leuk zeggen, maar dat die boem zo snel kwam en de “ho” te laat. Dat was nooit mijn wens.

Gelukkig kon de auto gerepareerd worden, waardoor meneer er al snel weer mee rond reed. Ik nam liever plaats op de passagiersplek en liet me voortaan rijden. Als in een taxi, zo voel ik me het meest happy.

En zo gaat meneer directeur voor de Maxi en krijg ik weer minder grip op mijn dip, eh, auto.
    Hoewel ik me toch één ding afvraag. Komt ie er wel?
    Eenmaal bij de dealer stuit Marcel op een onwillige verkoper. In tijden van crisis zou je denken dat deze man zou staan te popelen, rennen en vliegen om een auto te verkopen; Marcel al slijmend voorzien van een natje en droogje. Zijn jas netjes aannemen en hem vervolgens meetronen naar zijn kantoor. Daar al kwijlend een prachtige computerprogramma openen en even klip en klaar alle mogelijkheden laat zien, alle poespas berekenend.

Blijkbaar hebben ze bij Volkswagen genoeg geld! De verkopen leek geen verkoop-zin te hebben. Er was geen auto aanwezig om te bekijken en hij kon NIETS over deze auto zeggen. Wist hij wel van het bestaan van deze auto? Moest die man nog één of andere opleiding doen?
    O ja, hij printte wel een folder uit (geplukt van internet, konden we zelf ook wel). Marcel had al helemaal geen zin meer om met deze zaak in zee te gaan, kwam gefrustreerd thuis!!!

De dealer zou over drie dagen bellen zodat Marcel de Maxi in de showroom kon bekijken. Wat inhield dat Marcel anderhalve week later zelf maar belde. Bleek die auto er al een week te staan, hadden we dat moeten ruiken?
Ik stel me direct voor hoe manlief de dealer flink laat zweten aan een offerte om na 1 ½ uur te zeggen: “Meneer, bedankt, maar ik wil ‘m niet!” en dan weg lopen. Gewoon om te pesten. Gnagna…

Ach, die auto komt er wel. Daarbij ook de onthulling van het nieuwe RitsRatsReklame logo, want op deze nieuwe auto ook een nieuw logo is natuurlijk keigaaf.
    Voor mij geldt opnieuw: ik neem géén zitting op de bestuurdersstoel. Enige uitzondering zijn de tolwegen in Frankrijk. Met het oog op het eindpunt gericht beloof ik deze auto niet in de file te parkeren zoals de eerste, want file-parkeren gaat me met deze vrachtauto écht te ver. Boem is “ho” door de parkeer-sensor-gevallen…

Hopelijk zal ik die dan wel horen?



zondag 19 februari 2012

Auto te koop!



Het leven zit vol dilemma’s. Zo vroeg ik me laatst af: Ga ik mee in deze nieuwe rage? Eigenlijk ben ik niet zo’n meeloper. Misschien eerder een dwarsligger? Jij mag het zeggen.

Hoe dan ook moeten veel mensen bezuinigen en ik ben bang met mijn tijd mee te moeten gaan. Het is nogal ‘in’, dit stomme modeverschijnsel. Hoe dan ook gaat bij ons de knip wat stroever open.

Als hoofd-inkoop rijst de vraag: waar op te bezuinigen?
    Mijn auto de deur uit zou het meest helpen. Dat wordt ‘m dus niet.
    Het abonnement op mijn favoriete tijdschrift? Dacht het niet!
    De tv-gids, die kan er uit. We kijken vooral nog uitzendinggemist.nl. Dus: eruit dat blad! De start is gemaakt!

Dan bedenk ik: We gaan bezuinigen op chips, koek, snoep, en andere snoeptroep. Dat zou voor mij helemaal geweldig zijn, want getrouwd zijn met een meester snaaier is echt een beproeving. Zo help ik mezelf niet alleen in de portemonnee, maar ook met mijn lijn. Yeah! Dat is een goed begin. Dat wordt ‘m.

Krijg ik toch de oppositie tegen me!
    “Geen chips? Dan is het leven niets meer aan.”
    Alsof ik de hele dag loop te treuren! Niet dus. Ook zonder die troep kan het leuk zijn. Oké, soms snoep ik ook wel wat, maar het kan écht wel minder, dat bewijs ik!
    Zo had ik deze week géén chips in huis – nou, zelfs op facebook heb ik het over me heen gekregen, hoe zielig dat toch was. Is er leven zonder chips? Voor één persoon in dit huis is het antwoord beslist:
    “Nee.”

Als ik nu kijk naar wat al dat snoeperij kost, ontdek ik snel dat het niet zoveel zoden aan de dijk zet, om hier op te gaan bezuinigen. Een grote smile om Marcels mond is de beloning op deze wijze gedachte.

Met de auto al van de handrem, denk ik snel na over andere uitgaven.
    Dan vertel ik dat mijn shampoo in de aanbieding was.
    “Drie euro korting” vertel ik mijn schattebotje helemaal blij. Had ik maar niets gezegd. Hij kijkt me aan en vraagt:
    “Wat kost jouw shampoo dan?”
    “Uhm, mijn shampoo kost bijna 9 euro.” Zijn mond valt open.
    “Pas op schat, niet zo ver open laten vallen, straks schiet je kaak uit de kom, dat rent al in de familie en gaat pas geld kosten!”
    “Wat kost mijn shampoo eigenlijk?” Ik denk (of  hoop) toch zeker wel een eurootje of vier. Ik zoek het op in appie en schrik! Wat?!
    “Maar € 2,34!” Kijkt er ineens eentje triomfantelijk op me neer! Of ben ik triomfantelijker als klinkt:
    “Het is dat je nog haar hebt. Het duurt niet lang meer, dan heb je geen shampoo meer nodig.” Die was raak: weg smile!

Zo vind ik dat ik meer shampoo mag kosten. Ik héb tenminste nog haar op mijn kop. En wat een haar! Dagelijks moet ik ervoor zorgen dat de krullen niet als een toiletborstel op mijn kop staan. Crèmepje erbij, serum erover heen. Tada: pluisvrij, krulhaar. Dat kost nou eenmaal geld! Ping ping, de shampoo gaat de deur niet uit. Mijn kop is het meer dan waard.

Blijft er echt één ding over… Mijn KIA PICANTO weg. Snik!
    “Dan moeten de euroshoppies op de fiets mee en is er serieus geen plek meer voor snoeptroep.”
    Nog voor mijn woorden koud zijn, springt er eentje op, rent naar buiten en verwijdert de pas opgeplakte tekst van mijn auto.
    Mijn rode mondster blijft!

Maandag dan maar snel de economie redden!

zondag 12 februari 2012

Begluurd worden of niet begluurd worden - that’s the question.



Hyves en facebook zijn niet genoeg – nu MOET skype er ook bij
Moet? Ik steiger bij ‘MOET’. Niets moet!

Van wie het moest? Van een vriendin; ze zat me ermee op mijn facebookhuid. Evengoed kreeg ze haar zin. Als je lang genoeg pusht ga ik blijkbaar overstag. Watje!

Heb ik tijd voor skype? Nee! Aangezien ik druk ben met hyves, facebook en vooral daarnaast heel wat andere minder internetterige bezigheden ben ik een druk bazinnetje! Ik hoor nóg iemand  doodleuk zeggen:
     “Zoek afleiding!”
    “Wie ik?”
    “Zoek rust!” Zou zijn collega juist zeggen. Tegenstrijdige belangen en dat aan mijn lijf!

Dan toch skype? Ja! Het is te doen om mijn zus, die zoals je kan weten in Amerika woont. Feitelijk nam mijn vriendin het gewoon voor haar op, de lieverd!

Met een webcamloze laptop schoot het echter niet op. Ik wilde bij aanschaf van dit apparaat géén webcam. Wie wil mij nou zien?! Bovendien hou ik niet van die webcammerige beelden die schokken en vreemd lijken en me daarbij nog begluurd voelen ook. Ik gruwel!

Tot Marcel thuis kwam met een mega oud webcammetje van zijn werk. Hieperdepiep-boeh! Hij spande blijkbaar samen met vriendin en zus? Nu kon ik niet meer onder een skype-account uit. Dan maar gelijk zuslief opgezocht! Ik snap verder niets van skype, tegelijkertijd  WIL ik het ook niet snappen. Hoe wist ik nou wanneer ze me geaccepteerd heeft en of ze online… “ringring” klinkt juist een melding en zie ik op de taakbalk: Heidi is online. Eén vraag beantwoord!

Oef, nu snel de webcam aansluiten, contact maken en beeldkletsen. Maar hoe bevestig ik dat begluurdertje aan mijn laptop zonder klem, magneet, klittenband, zuignap of whatever? Handig, dit webflutdingetje!

Denk, denk, denk… Crêpeblakband! Dat is het! Eenmaal gevonden ga ik aan het plakken, zoals mijn vader de klusser (echt niet) vroeger ook zoveel vastplakte met plakband en touw (zo vader zo dochter).

Als het bespiedertje vast zit, maak ik contact. Zie daar: mijn zus! Ik ben blij verrast:
    “Daar ben je!”
    “Irene, je geluid moet harder.” Natuurlijk moet dat even uitgelegd worden.
    “Ja, ik hoor je nu,” ze is zienderogen blij met te zien, “maar ik kan je niet zien!”
    “…(zucht)...”

Valt ook nog de webcam van schrik naar achter. Was die zó blij haar te zien dat ie omviel?!
    “Weet je wat je wél ziet?” vraag ik lacherig.
    “Een witte waas.”
    “Dat is ons plafond.”
    Dan buigt Celine zich over de webcam.
    “Kijk, ik heb Celine aan het plafond geplakt, dat leek me beter dan achter het behang.”  Het gesprek ging nergens over, maar het contact telde eens te meer. Dit was ons eerste gesprek in vier maanden!!!

Ondertussen ziet mijn zus het ene na het andere stuk crepeplakband op zich afkomen want ik wil dat bespioneerapparaatje wél zo hebben dat mijn bloedverwant me ziet. Al plakkend kletsen we door en ik verheug me op een langer gesprek tot ze doodleuk zegt:
    “Ik moet weer gaan!”

Wakkerdewak? Bèn ik éindelijk hier, éindelijk contact, met bloed, zweet en bijna tranen bezig om dat beeldmonstertje te bevestigen, moet ze weg!?
    “Nice talking to you, sis?!” We nemen afscheid met een big smile, gepraat hebben we amper, gelachen des te meer. Het was wel echt een contact zoals wij zijn, anders dan je verwacht, genoten to the fullest! See you zoen.

Nu MOET ik serieus nadenken over de webcam… Zal ik Marcel LIEF aankijken, alweer. Nu voor een mini-laptopje incl. cammetje. Wég loonsverhoging – ik verkies betaling in natura.

Alhoewel ik hem beter ken. Hij zoekt wel even een knijper!

zondag 5 februari 2012

Huisdieren gekonkel


Celine is er achter: dat wordt heel lang sparen voor haar droomvervulling!
Waarvan ze droomt? Een paard natuurlijk! Hinnik!

Mijn hoopsmorende opmerking: “Dream nog even on!” klinkt natuurlijk alles behalve liefdevol, maar ik wil dit niet sponsoren. Ik zie een paard niet zitten! Als zij ‘m écht wil, mag zij ervoor sparen. Als ze dan groot is, kan ze van haar zuur gespaarde centjes deze droom waarmaken. My blessing is hers.

Door het blad “MijnGeld” van de ING worden we bevestigd in hoe duur een paard is. Dat is niet mis! Celine kijkt verschrikt naar het artikel. Zó duur?
Zie ik daar haar droom vervliegen? Toch zielig!

Hoe dan ook stelde ik Celine een paar jaar geleden op de proef. “Jij mag van een paard gaan dromen als je bewijst voor een konijn te kunnen zorgen.”
Klein beginnen is toch niet gek en deze beessies kunnen met mijn allergie voor hooi en stro geen probleem geven, want ze kunnen buiten bivakkeren! We kochten er twee – elk kind één. Zo konden ze beiden leren zorgen voor een dier.

Oh wat waren ze blij met de konijnen. Het waren zulke schatjes en twee vrouwtjes, tot bleek dat er één een mannetje was. Ik wist niet hoe snel ik naar de dierenarts moest voor een ingreep! Het zijn wél konijnen en een wonderbaarlijke vermenigvuldigingen was niet mijn wens. Zo jong als ze waren; in één ding had het stel al snel zin.

Voor de dierenarts was dit kassa; voor mij pingping. Zo’n klein beessie, zulk hoge kosten?! Het zou verboden moeten zijn. Daarbij elk jaar twee keer inentingen. Tadaa… nog een keer kassa & pingping.

Inmiddels zijn ze weg. Ondergetekende had er genoeg van om alleen op te draaien voor de zorg van deze zoogdiertjes. De kids vonden andere dingen belangrijker. Dingen als spelen, spelen en spelen. Zo daagde ik ze uit: “Jullie krijgen twee weken de tijd om te bewijzen dat je deze diertjes waard bent, anders gaan ze de deur uit!”

Drie weken later waren ze weg! De nieuwe eigenaar nam ze maar naar de boerderij, waar ze een veelheid aan andere huisdieren hadden maar deze langtandigen nog ontbraken. Zo eindigde hoofdstuk huisdier. En ik besloot: nooit meer een huisdier in dit huis!
Behalve de drie apen die hier bij me wonen, die verzorg ik met liefde.

Terug naar het blad “Mijn Geld” Celine bekeek stilletjes de pagina met kosten van dieren en zei: “Dan kan ik beter een ezel kopen!” Waarop ik vragend het papier overneem.
“Waarom dan wel een ezel?”
Zegt ze: “Die is goedkoper.” 
“Ja, € 680,- goedkoper op jaarbasis. Wauw, dat is echt véél goedkoper!”
Na even denken besluit Celine: “Ik koop toch een merrie.”
“Waarom?” is mijn vraag.
“Die hoeft niet gecastreerd te worden.” Uhm…
“Wat dacht je van steriliseren? Of wil je veulens?”
Krijg ik als reactie: “Oh ja, dan krijg ik vanzelf meer paarden,” zegt ze met een big smile! Dan even stilte.
“Oh nee, dan kost het weer heel veel voer en stalling. Toch maar geen merrie!” Is de droom vervlogen? Laat ze het eindelijk los?

Als ik het rijtje kosten bekijk, ben ik toch geen ezel als ik zeg: “Koop een cavia?! Die kost
€ 260.- (voor zo’n klein mormel nog wel!).”

Roept er eentje uit: “Jaaaaaaaaaaaaaaaa” een cavia. Die koop ik!”
Vul ik aan met: “Als je het huis uit bent!”
Laat dat nou gelukkig nog geen droom van Celine zijn, waarop ik zeg: “Dream on your horse-dream!”



ps. Hier is Celine drie. Hier werd haar liefde voor paarden geboren. Ze is nu 13. Houdt het dan ook al langer vol dan ik toen durfde hopen! In één ding ga ik met haar mee: het zijn prachtdieren! Mocht ze er ooit één kopen en oppas zoeken als zij op vakantie gaat: Ja meissie! Ik zorg wel voor ‘m. Dat is bij deze beloofd! Maar leer me wel eerst hoe en wat!

zondag 29 januari 2012

The Force

Dino’s zijn uit, Star Wars is hot!!!
Daarom zijn de dino’s verkocht via Marktplaats voor een tweede leven bij een vredelievend jongetje, dat nog nooit van Anakin Skywalker, Jar Jar Binks, Obi-Wan Kenobi of Darth Vader heeft gehoord.
Ik eigenlijk ook niet.

Hoe heeft ons lieve jungske de dinoliefde verloren? Een vriendje praatte hem Star Wars aan. Bedankt vriend!!! Wij zijn nou juist anti-war fans!

Het is dus Star Wars voor en na! Je zou eens moeten horen wat een schietgeluiden, geknetter, gedonder hier klinkt al spelend met zijn lego Star Wars. Wat er niet neer wordt gehaald in mijn hierdoor niet meer zo veilige en vredige woning.
Zo klinkt er ook Star Wars muziek uit zijn CD speler bij het wakker worden.
Van één ding geniet ik eerlijk gezegd wél. Vol overgave klinkt een stukje Star Wars: BOEM, BOEM. BOEM, BOEMBIEDOEM, BOEMBIEDOEM… op het drumstel. Wauw!

Toen ik vanochtend net was opgestaan, haren alle kanten op en zo enorm suf, stoof meneer de kamer binnen. “Hij doet het!” en straalde van oor tot oor. Niet begrijpend keek ik hem aan. “De film” zei hij.
“Welke film?” Marcel vertelt me dat terwijl wij sliepen er een film is gedownload. Inderdaad Star Wars. Boe!
“Mag ik kijken?” vraagt Benjamin en staat klaar in starthouding for lift off. Ik zeg even niets, hij staat daar zo mooi. Zou hij het lang volhouden zo te blijven staan?
Ondertussen dwalen mijn gedachten af naar afgelopen week…

We hadden een rond-de-tafel gesprek. Benjamin wenste dat hij force had. ‘Force’ komt uit Star Wars en is zonder iets aan te raken, iets optillen en met mentale-kracht ergens naar toe slingeren. Vergelijk het met smurfen. Je smurft iets naar de andere kant van de kamer. Handen steken vooruit, trillend door de kracht die ervan uit gaat en zo slinger je iets naar een andere plaats.
Zo wilde Benjamin de zout naar zich toe forcen. Marcel daagde hem uit: “Probeer het maar”, waarna we vol spanning zagen hoe Benjamin met alle force-power in hem de zout niet van zijn plek kreeg. Toch kwam de zout naar hem toe. Marcel zette ‘m voor zijn neus.
Celine lag dubbel!

Het blijft even stil naast mij. Zo bedenkt Benjamin het volgende geniale plan: “Misschien hoeven we dit jaar niet náár Frankrijk, maar force ik Frankrijk hiernaartoe.” Klinkt als muziek in mijn oren – die reis is me altijd te lang! Kom maar op, forcen jij!
Komt Marcel met een nog beter plan: “Kan ik jou niet naar je bed forcen?”
Even stilte, dan klinkt de kleine man paniekerig: “Neeeee, dat wil ik niet!!!”
Waarna Benjamin zich afvraagt of er Stars Wars in de hemel is. Wat?! War in heaven? Dat gaat niet samen, dan is het Star Peace en zie ik vredige sterrenstof omlaag dwarrelen. Een gevoel van rust en kalmte doet me bijna zweven.

Vergat ik met mijn dromerij, dat Benjamin nog steeds in lift off houding stond: als een sprinter voor de 100 meter, afwachtend of hij die film mag kijken. Daar klonk mijn “Ja”. Weg was hij - heb ik maar zo mijn zoon naar beneden geforced!

Als ik later beneden kom overvalt me een kijkbuis-slagveld! Ik kijk verbijsterd naar onze beeldbuis en vraag me af: Wil ik dit wel? Ben ik hier blij mee? Er blijft niets heel, zelfs mijn tv lijkt dit niet te gaan overleven. Afschuwelijk! Wat een strijdtoneel.

Niet veel later voegt Marcel zich bij me: “Hoelang blijft deze gekte?”
“Misschien wel héél lang! Ook volwassenen gaan hier helemaal in op.” Ik prakkiseer alleen nog: Kan iemand alsjeblieft de dino’s terug smurfen????

zondag 22 januari 2012

Wee en wel



zondag 22 januari 2012

Daar zit ik dan, in pyjama op bed. Wat een dag… was het afgelopen woensdag.

De nieuwe keuken was bezorgd. Ik stond versteld van wat er zomaar ineens de kamer in werd gesjouwd. Zou dat allemaal moeten passen op de plaats waar nu géén keuken is? Dat lukt nooit! Wat een bulk dozen! Shock! Weg dagelijks dansje op de dansvloer! Geen plaats meer voor! Een regendans, dat konden we doen, want het regende pijpenstelen; vandaar dan ook een berg modderpoten nadat de bezorgers weg waren. En bedankt!
   “Ogen dicht, slikken en over je heen laten komen” zei ik tegen mezelf. This too shall pass.

Terugkijkend gaf een week zonder keuken me amper zorgen: drie maaltijden (voor zes dagen) heb ik gekookt op het campinggasstelletje. Het was alsof we kampeerden, maar dan wel met eigen douche en wc. Wat een luxe!
   Alleen voor water moest ik heen en weer lopen tussen beneden- en bovenverdieping. Wat heb ik een trappen gelopen zeg. Dat is zelfs op de camping minder erg, want dan loopt Marcel één keer per dag heen en weer om de jerrycan te vullen.

De loodgietgast en electrimuts werden verwelkomd en weer weggebonjourd. Marcel beunde erbij en zo werd de open ruimte klaargestoomd voor wat komen ging. Onderwijl had ik mijn eigen werkzaamheden en afspraken. Zo ging het allemaal prima tot de bezorgbikkels me toch een last bezorgden! Ik was het overzicht even kwijt. Daar stond onze keuken in dozen. Laat het maar snel morgen zijn, dan kan de keukenbouwer los. Weg met die zichtbedervende zooi.

Ik kon het niet laten om inspectie uit te voeren over de dozen en vond: koelkast, oven, vaatwasser, aanrecht- en tafelblad en een enorm grote doos, wat was dat? Een Gutmann… De afzuigkap! Zo groot?! Echt schrikken! Gaat dat wel passen? Op de tekeningen paste het, nu zou ik toch haast gaan twijfelen aan de bouwtekeningen, hoe gedetailleerd ze ook zijn.

Met al dat spul was plotsklaps de huiskamer geen ‘thuis’ meer en zo namen Marcel en ik de boel waar: wat een onoverzichtelijke puinhoop, keken elkaar aan en dachten duidelijk hetzelfde. We sloten de boel af en vluchtten naar boven. Laptops onder de arm en bedhangen!!! Weer eens wat anders dan bankhangen. Ik kan het je aanraden. Ik doe het eigenlijk nooit, maar het was heel lekker. Eens een keer een bed-hangdagje, of nee een bed-hangweekje plannen. Nou ja, mij kennende moet ik écht ziek zijn om dat te doen. Laat ik het dan maar niet wensen of plannen. Dat voelt als de duivel verzoeken. Mij niet gezien.

Zie je ons al bedhangen? Marcel probeert een ontwerp te maken op CorelDraw en ik ben weer te vinden op facebook en hyves. Bijblijven hè? Op een bepaald moment zat ik méér op Marcels scherm te kijken en hij op de mijne. Zo kruislings kijkend naar elkaars beeldscherm moet een raar gezicht zijn geweest en zo zei ik:
“Laptopje ruilen?” En bood de mijne aan.
“Nee hoor,” we staarden alweer naar ons eigen beeldscherm.

De volgende dag werd meneer de Bouwer met open armen ontvangen. Doel: orde te scheppen in de chaos van dozen! Hoewel ik vooral boven bivakkeerde en bezig was, kwam ik af en toe beneden koekeloeren. En schrok me rot! Het was toch de bedoeling dat het beter zou worden? Niet een grotere beestenboel? En morgen nog een dag? Dan wordt het zeker een zwijnenstal! Laat ik hier een paar varkens los zouden zij zich enorm thuis voelen en heerlijk kunnen rollen door zaagsel en andere meuk.

En zo, borrelde er iets in me op… Ja, daar heb je het al, een enorme gilbehoefte kwam boven:  Aaaaargh @`#~&%^”$%^&*()_@!`~

Nu, zondagochtend. Zit ik hier in mijn huiskamer en kijk, en kijk, en kijk… mijn ogen uit. Daar staat het dan! Mijn, nee onze nieuwe keuken. En werkelijk het is een plaatje. Alle leed heeft plaats gemaakt voor… ja voor wat? Gekwijl, genot, plezier en opgeruimdheid, want het is klaar! Het is mooi, ik kijk en zie: het is zeer goed!