zondag 15 mei 2022

Kindwassen

    ,,Ik zag leuke gordijnen!”, riep Lara uit nadat ze met Benjamin een bezoekje bracht aan de IKEA. De laatste maanden hield het bezoeken van winkels met meubels, accessoires, keukengerei en apparaten hen nogal bezig.
    ,,Vertel, wat voor gordijnen?”
    ,,Frozen-gordijnen met Anna, Elsa en Olaf,” zei ze breed lachend.
    ,,Die kocht je zeker voor jullie slaapkamer”, lachte ik.
    ,,Wat denk jij zelf mama?”, reageerde Benjamin.
    ,,Nou, ik denk aan vorige week.”

Filmserie
Lara zat in de hoek van onze bank - ze kent het relaxte plekje in huis – en straalde van oor tot oor. Ik stond in de keuken met een brommende waterkoker, blazende heteluchtoven en gepruttel en gespetter in de pannen in de keuken. Al die geluiden maakten het volgen van de gesprekken op de bank behoorlijk moeilijk. Wat ik meekreeg was dit:
    ,,Yes!” Lara zat ineens rechtop: ,,Iemand verkoopt een collectie Barbiefilms op Marktplaats.” Benjamin keek of Lara hun huis Barbie-roze schilderde en de Frozen gordijnen ophing. Die gaan inderdaad niet samen. Al vind ik dat ze best los mag als fan. Ik bedoel maar: een Mercedes-fan wil een kamer vol Mercedes spul, een postzegelverzamelaar wil boeken vol zegels, een crea-bea trekt het liefst in bij Pipoos en Lara is gek van Barbiefilms.
    Wel lachen dat Lara een heel bericht stuurde waarin ze vertelde waarom ze zo blij was die films te vinden en dat ze al lang Barbie fan is. Het antwoord was: 'Leuk, wanneer kun je ze komen halen?'

Koffie

Dat gemis aan inleving maakte Lara niet uit.
    ,,Ik heb alle Barbiefilms tot 2014. Tot dan duurde mijn jeugd en alles daarna is in een andere animatiestijl. Die vind ik niet leuk.”
    ,,Aha. Hoeveel films staan straks in jouw kast?”
   ,,28. Maar kijk wat ik vandaag vond?” Ze hield een beker omhoog en haalde het rietje eruit. ,,Dit is een glazen rietje.” Vervolgens sloot ze met een klepje het gat voor het rietje en opende een ander klepje:     ,,Nu is het een koffie-to-go-beker. Leuk hè?”
    ,,Zeker! Vooral omdat jij geen koffie drinkt.” Ze vertelt altijd zo enthousiast en blij over dit soort dingen. Ik ga haar enthousiasme en mooie glimlach nog missen als ze niet meer drie keer per maand hier een weekend logeert. Ze hoeft echt niet weg hoor.
    Angelien, ik ben gek op jouw meisje.

Bouwen
Dus Lara heeft haar gedroomde Barbie-serie en Benjamin wandelde de laatste jaren regelmatig, zeg maar tot vandaag aan toe, met LEGO sets binnen. Hij maakt zijn verzameling LEGO Star Wars pakketten compleet. Door gebrek aan ruimte zette hij lang niet al die pakketten in elkaar. Hij bewoont dan ook de een na kleinste kamer in ons huis. Gelukkig niet de kleinste.
    Ik denk ondertussen terug aan de keren dat ik met Benjamin op de grond zat om te helpen met het bouwen van een LEGO pakket. Ik mocht soms meebouwen, maar vaker zocht of sorteerde ik de blokjes. Ik deed het met alle plezier van de wereld, want stiekem bouwde ik aan iets anders – the ultimate mum-sun-qualitytime.
    Al zal ik nooit meer meebouwen, binnenkort bekijk ik Benjamins favoriete LEGO Star Wars Millenium Falcon (volgens mij) in zijn salontafel. Die tafel laten ze speciaal maken, zo gaaf. Stiekem verheug ik me meer op de Bosche Bol die ik boven die spaceship eet. Jarenlang wachtte ik met smart op zo’n bol, echter zonder eetbaar resultaat. Wel kreeg ik een gezondere, calorieloze en langer houdbare variant: een Bosche kerstbolbal.

Rijbewijs
Ik snap het wel. Anderhalf jaar lang liep Lara op weg naar de trein langs Banketbakkerij Jan de Groot, waar altijd een rij staat. Ze wilde natuurlijk veel liever en snel naar Benjamin. Bovendien wilde ik niet dat ze voor mij in de rij stond.
    Met het behalen van haar rijbewijs, schreef ik die hele bol onder mijn autobanden. Trouwens even applaus hè: alle Van Valen dames haalden hun rijbewijs in één keer. Ja, ik tel Lara blind mee, ze is met een Van Valen ‘verbonden’. Het is pure C(g)urlpower, dat van onze rijbewijzen.
    Nu rijdt Lara rondt in haar Audi A… Tja, welke A? Volgens mij weet Marcel dat ook niet. Auto’s boeien hem nog minder dan ze mij boeien. Voor hem moet ie rijden en handig zijn voor zijn werk en een Volkswagen kamer hoeft ie niet. Wel komt binnenkort een kamer vrij. Rara, wie pikt die in?
    En die Audi? Dat is een A1, maar wat telt? Hij is rood en staat binnenkort bij een huis in Bosche Bol, ik bedoel ’s Hertogenbosch!

Verhuizen
Daar gaan Benjamin en Lara met Barbie en LEGO in de dozen. Ik laat ze; de kinderen die een volwassen stap zetten. Ik ben sowieso trots op wie ze zijn, geloof in wie ze worden en hoop dat ze kind blijven - niet vol, maar kindwassen. Naar goed voorbeeld…
Ik!



zaterdag 7 mei 2022

Conditietraining

Ieder jaar weer
sta ik in de Buurtoren
en zie de Dom
Ieder jaar weer
kijk ik verlangend
want daar wil ik vlaggen
daar wil ik staan
wat doe ik nog hier?
Oh ja, de vlag moet uit
Marcel rent vooruit
de vlag hangt alweer

Conditie
Zo begint deze blog met een pruts-gedichtje à la moi en al klinkt het poëtisch, jij zou daar eens moeten staan. Eens zien wat jij denkt, nadat je bijgekomen bent van de eerste klim in de Buurtoren. De poëzie, dichterij of proza vergaat je dan wel. Twee keer twee torens op en neer is genoeg sport op een dag. Het is een keiharde inspanning en al mijn gewandel ten spijt, blijk ik totaal geen conditie te hebben. En dan wil ik de Dom op? Vlieg op! De Dom op.

Coaches
Hoor ik daar ‘Energiebalans Houten’ roepen:
    ,,Jij wilt conditie? Sluit je aan bij Briskwandelen.” Leuk zullen we het hebben, want bij een eerder gesprek klonk een klik.
    Of hoor ik ‘Fit met Beeweet’ harder roepen?
    ,,Die conditie vind je bij mij.” De klik met haar zou zekerste weten zitten in gedeelde Curlpower. Denk jij dat ik een kop vol krullen heb? Dan moet je haar zien. Zij heeft een kop met krullen waar zelfs ik bij weg zwijmel. Al goed, natuurlijk zijn er conditieversterkende sporten. Ik ben alleen bang dat hun manier van bewegen iets te veel is voor mijn fibromyalgie lijf.

Tellen
Zoals ik stiekem weet dat het vlaggen in de Buur- en Jacobitoren niet goed zijn voor mijn lijf, maar oh zo bijzonder. En ja, ik bekoop het met spierpijn. Ieder jaar weer.
    Weet je wat ik ook iedere keer doe? De treden tellen vanaf het moment dat we de torens beklimmen. Ken je dat? Het is net als de trap thuis. Je weet toch allang dat het dertien treden telt tot de eerste verdieping? En toch tel je steeds weer.
    Wat betreft de torens weet ik het nog steeds niet. Vol goede moed, meer volautomatisch gaat dat van één, twee, drie, vier… tot ergens in de 50 en klinkt:
    ,,Het licht doet het hier niet.” Of een vriend die mee gaat voor de belevenis, roept van alles. Ben ik maar zo weer uitgeteld. Letterlijk en even later figuurlijk. Mooi niet dat ik opnieuw begin.

Klepel
Het is echt geen snoepreisje naar boven. De vlaggen moeten op tijd buiten hangen en ’s avonds weer op tijd naar binnen. Oh wee als dat niet op tijd gebeurt. Dus hup door, de trappen op van de 54 meter hoge Buurtoren, zoals de site Erfgoed Utrecht zegt. Zij moeten even discuzeuren met Wikipedia, want die zegt 56 meter. Is iemand afgeleid bij het tellen of vergeten de windvaan mee te tellen?
     Wat maakt de hoogte ook uit? 
De belevenis begint pas echt als ik mijn kop door het luik naar buiten steek en onder het koepeltje op gelijke hoogte met een klok sta. Ik hoop altijd dat die weet waar, meer nog, wie de klepel is. Want de klok zou maar zo mijn hoofd als klepel kunnen gebruiken.
    Het zal dan zeker lieflijker klinken dan die klepel die tegen de klok slaat. Nog zekerder is het feit dat ik niet hoog van de toren luid. Al hoor ik Ton al:
    ,,Jij lieflijk? Een torenklok houdt tenminste na een paar keer slaan op, jij blijft maar doorratelen.”
    ,,Ton, vroeg ik jou iets? Hou je mond!”

Hoogteverschil

Nu we denken te weten dat de Buurtoren 56 meter is, wil ik de hoogte van de Jacobitoren natuurlijk ook weten. Wikipedia zegt 63 meter en volgens de Gemeente erfgoed site is die 43 meter. Wacht, daar mist iets. Ah ja, de spits, die is 27 meter. Dat maakt de Jacobitoren 70 meter hoog, al zegt het Klokkenluidersgilde dat de windvaan drie meter hoog is. Houden we die toren op 73 meter. Geloof me, dat hoogteverschil voel je in de benen, al ervaar ik de Buurtoren als zwaarder, want daarin ligt de eerste rondgang een stuk hoger dan in de Jacobitoren. Dat is de langste klim aan een stuk. Pfoe, pfoe, zucht, zucht.

Warming-up
Dat is waar ik dit jaar meer last van mijn conditie had dan van mijn benen. Ik moest onderweg stoppen om adem happend weer tot mezelf te komen met een hartslag die bijna de klokken van de hele stad ontregelde. Mijn benen leken deze keer sterker dan mijn conditie. Sterker nog, ik besef nu ineens dat ik geen spierpijn heb. Dat zat vast in de goede warming-up.
    Doe even mee: Marcel parkeert de auto, springt er uit en loopt met grote passen richting de Buurtoren. Zie mij daar met mijn korte beentjes achteraan hollen. Hup de toren in, de trappen op, de vlag uithangen, de trappen af, de toren uit, lopend naar de Jacobitoren en alles nog eens.
    Om de laatste trappen af te sukkelen.
    Heerlijk dat de vlaggen hangen!

 

 


zondag 1 mei 2022

Diamant

Bij gebrek aan inspiratie smeekte ik Laura, een van Celine’s vriendinnen:
    ,,Geef me alsjeblieft tien woorden.” Ze zat tegenover me en keek me aan alsof ik konijnenvoer at.
    ,,Hoezo wil jij tien woorden?”
    ,,Ik heb inspiratie als een gedoofd olielampje. Als jij me nou eens tien woorden geeft, zet je vast en zeker mijn lampje in vuur en vlam en schrijf ik een goed verhaal. Al moet ik het woord ‘goed’ eerst waarmaken.”
    ,,Heb jij niet altijd een goed verhaal dan?”
    ,,Denk jij dat ik een vulkaan van verhalen in me draag dat bij het aanraken van mijn toetsenbord als een stroom magma op het beeldscherm verschijnt?”
    ,,Eigenlijk wel. Jij hebt toch altijd wel iets te schrijven?”
    ,,Tuurlijk, maar niet alles is geschikt voor een blog.” Eigenlijk lijk ik daarin heel veel op een plant. Verwen die af en toe met plantenvoedsel en het zal op wonderbaarlijke wijze beter, sneller en mooier groeien. Boost mij met een leuke gebeurtenis of met woorden en jij krijgt een verhaal.

Allegaartje
Laura pakte haar telefoon erbij, ging ervoor zitten op een eetkamerstoel en steunde daarbij met haar ellenbogen op tafel. Je dacht toch niet dat ze op een barkrukje zat? We hebben niet eens een bar, laat staan een barkrukje. Ze zat er klaar voor om mij met tien woorden te bestoken. Ik verheugde me op de escape die zij me bood, want door die tien woorden kon ik me houden aan de wekelijkse belofte -  #vasteprikopzondag - die ik wekelijks op mijn socials plaats.
    ,,Wel fatsoenlijke woorden,” benadrukte ik nog even.
    ,,Nu breng je me op een ander spoor," antwoordde ze.
    ,,Pas op jij."
    Ik vertelde erbij dat het niet de eerste keer is dat ik woorden van anderen kreeg om te verwerken in een daardoor zot verhaal. Het liep ook nog, lees maar hier. Een andere keer gebruikte ik de eerste 100 blogtitels om te vieren dat ik zo’n mooi aantal blogs schreef. Het werd een allegaartje dat je hier leest. Trouwens, ik nader een nieuw rond getal. Iemand een leuk idee voor mijn 600ste blog?

Scrunchie

Ineens klonk een ‘pling’ uit mijn phone en ontdekte ik Laura’s appje met tien woorden: knoflooksaus, hersenfuncties, plantenvoedsel, olielampje, barkrukje, scrunchie, poepluiers, magma, Tindler swindler, konijnenvoer. Grappig hè, nu begrijp je waarom ik ineens over een barkurkje begon.
    ,,Laura, hoe bedenk je dit zooitje bij elkaar? Dit rijtje tast bijna mijn hersenfuncties aan, zoals poeplucht de neusfuncties aantast. Zit ik hier met de uitdaging om van deze scrunchie aan woorden een blog te vormen. Bedankt hè?”
    Hoor ik je roepen:
    ,,Dat mag niet! Je mag geen woorden anders gebruiken dan in hun eigen betekenis.”
    ,,Waar staat die regel?”, vraag ik terug. Op mijn blog bepaal ik mijn regels. Hoera voor mijn vrijheid als schrijver van mijn eigen verhaal. Ik weet heus wel wat een scrunchie is, nadat ik Laura vroeg wat het was. Duh! Ik gebruikte zelf jaren lang scrunchies, alleen noemde ik ze frutsels. Kijkend naar het woord en luisterend naar de klank, vindt ik scrunchie een perfecte woord of associatie voor chaos of chaotisch. Dus een 'scrunchie aan woorden' klopt voor mijn gehoor en gevoel gewoon. Ik schrijf en hou ‘m er in.

Beeldvanger
Ondertussen maakte ik een foto van Laura, gewoon omdat het kan. Daarbij draag ik deze blog aan haar op. Ze hoort er gewoon in, want ze hielp me met dit verhaal. Die woorden kwamen er overigens uit als poepte ze als een baby met diarree een paar poepluiers vol. En die stank! Geen Tindler Swindler die met die lucht ooit een cent van je aanneemt. Laat staan naar je omkijkt. Lekker dumpen die oplichter.
    Om de foto wat te verfraaien, haalde ik een fles knoflooksaus tussen haar en mij weg. Het stoorde in het beeld. Celine dacht er anders over, pakte de fles terug en zette het nog prominenter in beeld met een blik van:
    ,,You touch my knofloosaus, I touch your picture." Prima, nu staat ze er gezellig bij op, omringd door food, maar ja, ze is dan ook een lekkere eter.

Titel
Blijft er nog één vraag. Weet je welke?
    Als ik je op de titel wijs, dan denk je toch: Waarom de titel ‘Diamant’?
    Nou gewoon omdat Lara eigenlijk elf woorden noemde voordat ze me tien appte. Ze verwijderde de laatste, de diamant dus.
    ,,Dan wordt Diamant de titel," zei ik, want de hele blog makes no sense, dan hoeft de titel ook nergens op te slaan.

zondag 24 april 2022

Sint-Pietersberg - a must do!

    ,,Marcel, de kids zijn van huis, wat denk je ervan? Niemand die ons mist, wij pakken ook de boel en gaan naar Epen. Dan lopen we een flink rondje voordat we in het hotel landen en de dag erna bewandelen we de Sint-Pieterberg." Amper mijn mond dicht, reserveerde meneer een hotel, ik pakte in en daar gingen we op Paaszondag naar het prachtige Heuvelland met schitterend weer als metgezel.
    Drie uur later liepen we een mooi rondje van Epen naar Mechelen en terug. Het is superbekend terrein voor ons. Het was echter de wandeling op Paasmaandag die ons op zoveel vlakken verraste, dat ik die met je deel.

Tijdloos
Hup! Schoenen aan, rugzak mee, daar gingen we. Deze route van ruim tien kilometer stond ons te wachten. Geen getreuzel, time to go.
    ,,Oh Marcel, kijk wat gaaf!", zei ik bij het uitstappen. Voor ons lag Fort Sint Pieter, vandaar de naam van de berg. Of toch andersom? Hoe dan ook toch getreuzel, nu al.
    ,,Ach ja we hebben de hele dag," hoorde ik naast me.


Paden
Voorbij het fort startte de wandeling op goed aangelegde paden, dan weer breed, dan weer smal, dan weer langs velden en struiken, dan weer uitkijkend over een helling. Ieder pad was mooi, ieder uitzicht verrassend. Zoveel te zien en zoveel kilometer te gaan.
    ,,Zullen we maar niet teveel uitstapjes maken? De tocht wordt lang zat, zelfs als ik op iedere hoek een foto maak," zei ik waarmee ik bedoelde dat we ons strak aan de route moesten houden en niet ieder 'zijpad' dat aantrok in wandelden en daarmee een paar kilometer extra op de teller zetten. Het was een berg hè, we stegen en daalden op pure beenkracht. Elf kilometer kunnen we wel, dit terrein was echter anders dan onze benen gewend zijn.
    Al snel zagen we rechts van ons het Jekerdal en een eind verderop Château Neercanne en tussendoor zagen we de Mergelgroeve al.




Groeve
Wat al snel verraste was de afwisseling van het landschap. Ik koos deze wandeling omdat ik de uitgeholde Sint-Pietersberg met eigen ogen wilde zien. Ik wilde restanten van de groeve zien en het water in het dal zien schitteren. En daar ineens doemde een eerste spiekplekje op. Een bord waarschuwde ons, een hek hield ons tegen en struiken ontnamen wat zicht, toch lag de mergelgroeve waar Enci eens mergel won recht voor ons. Gek hè, ben ik gek op natuur, wilde ik nu vooral dat zien.
    Oké, de andere kant was mooier met in de verte een brug die me deed denken aan het viaduct van Millau. Het is korter en niet zo hoog als de hoogste brug van de wereld, maar toch even een associatie die fijn is. Ik wil die brug graag over. Dat later dit jaar; ik was nu hier. Even mindful doen.




Duivelsgrot
We vervolgden onze route over paden, wegen en trappen de berg af. Altijd leuk die afwisseling, breed pad, smal pad, trap hier, heuvel daar. En even verderop een steenpartij die de aandacht trok. Al leidde de route rechts, ik koos voor links. Die rotspartij vroeg aandacht.
    ,,Cool, het is een grot."
    ,,Minder cool, we kunnen er niet in." Vervolgens spiekten we beide door de vleermuisfiguurtjes die uit het cortenstaal waren gelaserd of gefreesd. Ik hou daar wel van; wil ook zo'n kunstwerk in mijn tuin, maar dan met vlinders eruit gelaserd.
    We mochten de grot niet in, vanwege instortingsgevaar. Waarbij ik dacht: en de grond waar ik op loop dan? Liggen daar niet allemaal gangen onder? Houden die mijn bips en billen wel? Het is allemaal maar op vertrouwen dat ik daar wandelde. Voor de rest genoot ik van het tafereeltje van de gebakjes in de grot. Jammer van al die rommel er om heen.







Uitstapje
Waarna toch een uitstapje volgde. We moesten rechts, maar links van me wilde ik zeker weten of ik niet een mooi uitzicht op de groeve mistte. Verschillende mensen kwamen daarvandaan en liepen verder op de route die wij volgen. Ik was te nieuwsgierig om dit uitstapje links te laten liggen. Marcel liep gedwee mee. Ja, serieus, soms ben ik de baas.
    Al bleek het niet de moeite waard, want van uitzicht was geen sprake. Het enige dat we zagen waren struiken en bomen en achter ons een iets hoger uitzicht over het Jekerdal. Hup door naar de route, die nu ruim elf kilometer werd. Dat was dan weer goed voor de...?
    Precies, billen!
    Verder lopend keken we terug op de Duivelsgrot, waarbij de kuilen langs de route opvielen. Die ontstonden langer gelden door kiezelwinning. Daarover lees je alles in de route. Ik bedenk dit natuurlijk niet allemaal zelf hè!
    ,,Oh kijk, een grenspaal." We liepen maar zo België in, waarbij ik prompt geen woord meer zei. Ik spreek geen Frans en zij wel.



Initialen
En door! Tot we voorbij een schapenweide liepen met een paar schattige lammetjes in de wei. Zo jong nog. Ik wilde dichterbij en de herder zag dat heus wel. Maar denk je dat hij even zei:
    ,,Allé madammeke, gij wilt dichter bij die lammekes?" Nee, dus. Oh wacht, natuurlijk niet, bedenk ik nu ineens: hij sprak natuurlijk Frans. Hij kon mij niet verstaan en bedacht geen seconde mij even dichtbij te laten. Zo jammer. Weer de kans op een lammekes-troetel-sessie gemist. We liepen maar door tot we langs een prachtige mergelmuur liepen. Ach ja, mergel, zo apart was dat niet in deze omgeving. Alles ademde hier gele stenen, maar toch, die muur riep me.
    Eén ding kun je heel goed in mergel: je initialen erin kalken. Daar ging Marcel, de romanticus, zoek de M, het hartje en de I in de muur onder het  klimop.


Aangelanden
Waarna we een bordje tegenkwamen met de tekst: 'Uitgezonderd aangelanden, bewoners'.
    ,,Dat is toevallig, ik ben een alien. Ik ben aangeland. Kijk hier ben ik!" Ik spreidde mijn armen en draaide om.
    ,,Eindelijk iemand die het snapt. We zijn aangelanden." Ik voelde me helemaal geland en thuis en genoot van de volgende bezienswaardigheid op de route: Kasteel Caestert. De muur was mooi, het kasteel gesloopt, maar wat er staat oogde niet verkeerd. Het vierkante gebouw vond ik wat saai, zoals het op zichzelf stond, maar met het hek, de poort en de plaats achter het hek, vond ik het bezienswaardig.
    Wel jammer dat ik de ketting die gewoon los over het slot hing niet mee mocht nemen van Marcel. Het was toch een prachtig souvenir, een schitterende herinnering aan deze mooie wandeling? Maar nee.
    ,,Dat kun je toch niet maken?", zei hij.
    ,,Na mij pakt een ander het zeker mee. Maar oké, ik ben braaf." Ik liet het hangen. Waarna we doorwandelden en doline's ontdekten, kuilen in het gebied die ontstonden door de erosie van water. Ze zijn moeilijk te fotograferen, want diepte is moeilijk op de foto te zetten. De naam doline wist ik trouwens goed te onthouden, door mij buurvrouw Dorine, alleen dan spreek je de r uit als een l. Tja, dat doen er meer.
 
 

 
  

Put
Het duurde niet lang meer of we kregen voor het eerst zicht op de Maas en we vervolgden onze weg. Waarbij we een put ontdekten op een hoger punt langs de route. Marcel zag het niet zitten om te klimmen, mijn wens in de put te kijken was groter dan het te laten. Ik klauterde de helling op met het idee: als ik er op kom, kan ik er ook af. Al moest het rollend.
    ,,Het is donker daar binnen en ook met mijn zaklamp zie ik de bodem niet."
    ,,Gooi er iets in," riep Marcel. Op mijn hoogte lag geen enkele steen, die mocht meneer uit de weg pulken. Hij gooide een klein pesterig steentje vanaf zijn standpunt zo in de put.
    ,,Ik hoorde niets vallen."
    ,,Ook geen plons?"
    ,,Nope, gooi een grotere steen erin." Die gaf ook geen geluid. Die put zal wel heel diep zijn, zoals ook de helling die ik af moest. Ik was toch even iets minder stoer op de terugweg. Een boompje dat meeboog was mijn houvast en zodra het kon de hand van Marcel. Ik survivede, kijk maar, ik schrijf, dus ik ben.




Verboden
Even verderop zagen we een uitsteeksel dat leek op een opening. Daar doemde weer een uitstapje op. Om tot mijn teleurstelling te ontdekken, dat het verboden was om onder, in of boven dat stuk uitgehouwen mergel te komen. Omgekeerd de weg terug, zag ik een stukje lelijkheid op een grotdeur aangebracht. Graffiti besmeurde zelfs het bos. Het zou net zo verboden moeten zijn als het betreden van dat stukje grot. Waar ik luister naar het verbod, zouden anderen dat ook moeten doen.


België
We liepen de Sint-Pietersberg af een Belgisch dorp in. Dat zie en merk je direct aan de ruwere straat. We bekeken de tuinen aan de ene kant van de weg, die gezien het formaat pasten bij de huizen aan de andere kant van de weg. Het klopte ook wel, achter de huizen doemde een muur van mergel op; daar pasten geen achtertuinen, dan maar een voortuin.
    Het kerkje in de straat leek ons groot genoeg als kerk voor ons. Gewoon een klein en fijn gebouwtje, lekker knus. Het bestaat wel; het staat alleen op de verkeerde plek.
    Het gebouw met op de gevel 'Café, expediteur en douane', vonden we wel humor. De douanier was tevens expediteur. Ja ja, die twee in één, gaat dat goed?
    We verlieten België en kwamen op een wandelpad langs de Maas terecht, al mocht er ook gefietst worden. Zo jammer, dat maakte onrustig.
    Hier verdween wel het berg-op-en-berg-af-gewandel. Het voelde best goed even op platte grond te lopen. We voelden de vermoeidheid opkomen, met nog best een stuk te gaan.




Keet
Na een lange pauze aan het water, zagen we een stukje verderop een keet op palen in de Maas staan. Ik liep nieuwsgierig de loopplank op en ontdekte geen 'Verboden Toegang' bordje. Dan ben ik niet stout als ik even van dichterbij gluur. Marcel bleef aan de kade en hield de wacht.
    Eigenlijk denk ik dat hij zijn energie wilde sparen en geen uitstapjes meer wilde, maar dat weet ik niet zeker. Ik keek lekker even rond, waar hij op de trap zat te wachten. Ik raakte niets aan, ik keek. Zoals wij Nederlanders toch allemaal doen? Kijken, kijken...

 


 



Enci
Niet veel verder zagen we het grondgebied van Enci, waar op een bord bij de ingang stond dat op 800 meter een natuurmonumenten bezoekerscentrum en uitkijkpunt was. De groeve zo dichtbij? We keken elkaar aan:
    ,,Nu niet gaan is jammer, we zijn zo dichtbij."
    ,,En moe," zei ik. 
    ,,Ja, maar wanneer komen we hier weer?" We namen de flinke uitstap en niet met spijt. Dit stukje industrie had op zijn eigen manier iets aantrekkelijks en helaas ook allemaal camera's langs de hekken. Stiekem de hekken over klimmen om nog dichterbij te komen, was geen optie.
    Over het bezoekerscentrum gesproken, zo klein zagen wij het nooit eerder.





Bekend terrrein
Het laatste stuk langs de maas leidde langs nog meer industriële kiekjes, waarbij we ook mijn uitkijkpunt ontdekten. Een hokje voor mij alleen, lekker hoog en droog. Alleen een hek versperde opnieuw mijn toegang. Ik haat hekken.
    Met een laatste blik op de Maas, liepen we de berg weer op waar toeristen na een rondvaart op de Maas een tour beleven in de grotten van de berg. Dat weet ik omdat wij deze grotten verschillende keren bezochten na zo'n rondvaart. Een aanrader, dat zeker.
    Nu liepen we er voorbij de berg op. De laatste kilometers en echt geen uitstapjes meer. Wel hier en daar mooie uitzichtpunten over Maastricht met zijn rode kerk, dan weer mooie volkstuinen, een reminder aan de volgende route die we willen lopen, de zijmuur van een kerk waarbij de rest van het gebouw verdwenen leek. Het leidde ons de laatste kilometers naar ons eindpunt: het fort.
    Oh ja en een ijsje!
    Wat blijft? Onze tip om als je het aandurft, deze wandeling te doen. Het is echt alles meer dan waard. Wij bezoeken een volgende keer vooral het fort. Dat uitstapje sloegen we over en is een reden om terug te gaan. Ach, Maastricht is sowieso een reden om af en toe flink de snelweg af te zakken.
    Tot ooit!