zondag 28 augustus 2011

Om te gillen!



Het is bedtijd en ik ben zó moe, maar slapen? Oh nee! Stel dat hij weer komt? Onaangekondigd en ongevraagd was hij er gisteravond ook. Het zal me toch niet weer gebeuren?!

Ik zat in bed te lezen. Marcel sliep naast me; zoals altijd als eerste. Ik geniet dan van de stilte... Heerlijk! Meestal dan. Gisteren even niet. Ik wenste dat ik degene was die sliep, want dan had ik niet geweten wat me te wachten stond.

Ik zag een beweging die mijn eye catch-te. Ik keek op maar zag niets. Ik dacht dat ik het me had verbeeld en las verder. Maar niet lang, want daar liep een dikke vette akelige monsterlijke spin. Ik wilde bijna gillen, maar beheerste me. Wat dacht ik wel… er is toch geen brand? De kids slapen. Houden zo. Mijn gesmoorde kreun klonk echter net hard genoeg om mijn held op sokken te wekken en ik vertelde van dat vreselijke mormel. Zo van onder de radiator vandaan liep hij onder ons bed. Hoe durft ie!?

Marcel keek me suf aan en moet hebben gedacht: Ga slapen. Hij leek niet onder de indruk. De enige moeite die hij deed was vanuit bed even met de kop omlaag, onder het bed kijken en zeggen: “Ik heb gekeken, ik zie ‘m niet.”
   Logisch, hij had zijn lenzen niet in!

Dit was trouwens vast en zeker een broertje van de vreselijke griezel die ik maandag tegen kwam in het trapgat. Toen was Marcel er snel bij, gealarmeerd door mijn gilletje. Dat de kids er wakker van werden, was geen probleem. Het was toch tijd voor het weksignaal. Ik dacht dat Marcel die creep liefdevol naar buiten had gebonjourd, maar bleek hem dieronvriendelijk fijngeknepen in keukenrol en door de wc gespoeld te hebben. Alleen al dat hij dat beest durft te pakken, wat een held!
   Waarom heeft hij me toen wèl gered van dat afschrikwekkende misbaksel en nu niet?!
   Oké hij is onvindbaar. Why bother? Zo denkt hij vast.

Hoe dan ook moest ik er nog uit. Ik kroop naar de verste hoek. Deed een check, sprong met een boog van het bed af en sprintte ervandoor. Eenmaal terug dook ik van een afstandje op het bed en kroop op mijn plek. Brrr… Nu lag ik hier met die spin. Wat spookt die uit? Wordt ik wakker van gekriebel? Aaaarrrrrggghhhh. Straks is het een zij, legt eitjes en zit ik met nog meer gespuis!
   Wat een stress!

De volgende ochtend vertelde mannekelief aan onze kids, hoe ik als een angstige zot op het bed sprong. Mama voor gek zetten, dat vinden ze leuk! Hoor Benjamin hard lachen en zeggen:
   “Mama, een vogelspin kan ook lief zijn hoor!”

Dat zegt hij nou wel. Maar wie gilt hier het hardst als een schattig spinnetje over zijn plafond loopt en hij er vanuit zijn hoogslaper dicht op zit? Hij gilt het uit:
   “Een spin!”
   Wij komen aangesneld met vliegenmepper, tijdschrift en keukenrol om dit jongetje te redden. Wat blijkt, zelfs met een vergrootglas krijgen wij spinnemans niet gespot. En nu lacht dit kind mij uit?

Vanavond heeft mijn lieve Marcel even onder het bed gekeken en vond een stoffig boek, een stilstaand horloge en géén spin. Dat had ik kunnen weten.
   “Moet ik nog wat doen?” vraag hij en gaapt.
   Wat dacht je van: de spin vinden, de spin wél vangen, de spin KILLEN!

Maar nee hoor, hij ziet het niet zitten. Gaapt nog eens, gaat liggen, trekt het dekbed hoog, sluit zijn oogjes en slaapt!
   Wéér als eerste.

zondag 21 augustus 2011

Jeu de Boules



Het is weer zo ver: ik heb een flash back.
   Ben weer even in La France met mijn gedachten...

We lopen met de ziel onder de arm. Wat te doen? Het regent wéér?! Het is al dagen verre van wenselijk weer. Regen, zware bewolking en zon wisselen elkaar af en steeds moet de zon het onderspit delven. Echt jammer!

Nadat ik een bakkie op heb,  daarmee wat energie in mijn lijf heb gepompt (ik krijg echt een kick van cafeïne), besluiten we maar te gaan Jeu de Boulen. Weliswaar vergezeld van een miezerregentje, willen we ons niet laten kennen. We zijn toch geen suikerklontjes?! Nou ja, één iemand wel, maar ik noem geen naam.

Het suikerklontje en Celine gaan spelen tegen Benjamin en mij. De kleine man baalt. Hij heeft namelijk niet zo’n vertrouwen, zeg maar gerust: GEEN vertrouwen in mijn kunnen en voelt de nederlaag nu al als een vaststaand feit. Hij is zo goed voor mijn zelfvertrouwen hè?! NOT!
   Ik voelde me toch al niet zo happy, met een rainy-feeling door de regen, krijg ik zo iemand naast me. Echt heel fijn.Waarom zou ik mijn best nog doen? Lekker bemoedigend zeg! Heb ik nog zin om te spelen? Nee natuurlijk niet, wat denk jij nou?!

Of zal ik ze eens een poepie laten ruiken!!! Wie durft te twijfelen aan mijn kwaliteiten? Jij?! Pas op hoor!
   Van de een op de andere seconde, verander ik van een twijfelend geval naar een strijdlustige jeu de bouler. Kom maar op: Spelen! Is wat ik uitstraal!

Maar wat is dat? Het lijkt erop dat het jochie het goed heeft  gezien? Ben ik echt de slechtste van  ons allemaal? Ik zet me nog maar even meer schrap en vecht tegen een opkomende nederlaag... Maar dan...

Daar is een come-back!
   Het buutje lijkt wel een magneetje. Bal na bal worden door ons dichterbij gelegd. Benjamin en ik vechten ons een weg terug en laten de ene na de andere juich horen.
   Houden we dit vol? Lukt het ons de tegenpartij te verslaan? Zien we daar zweetdruppels op hun voorhoofden verschijnen en hun blikken die zich verstrakken in uiterste concentratie om ons op afstand te houden?
   “Kom Benjamin, gooien!”
   Jaaaaaaa, uiteindelijk winnen we! Zelfs ik ben verrast. We hebben de andere twee glansrijk ingemaakt met 13-7. Zij begonnen veelbelovend, maar moesten het onderspit delven. Yes!

Hoor ik daar iemand die inziet dat ik toch niet zo slecht ben een compliment uitdelen? Dus niet... Wat ik wel zie is een jochie dat op me af sprint, in mijn armen vliegt en zo doen we samen een vreugde dansje. Hij hoeft  dan toch niets meer te zegen?! Zijn blijdschap made my day!

De verliezers? Die komen met smoesjes als: de baan was niet goed; de regen zo nat – hoor ik daar het suikerklontje?; dat ene steentje lag in de weg; die kuil was zo diep. Bla bla bla. Yeah, sure!

Eén ding wordt me de volgende keer hoe dan ook verboden: een kopje koffie voordat we gaan spelen! Hoezo, krijgen nu niet Benjamin en ik de eer, maar een kop koffie? Mooi dat ik de volgende keer twee bakkies neem!






zondag 7 augustus 2011

Google Goggles

Een vreselijke dag!
 
Oh, mijn Galaxy! Ik ben gehecht geraakt aan dat apparaat. Het heeft dan ook alles te maken met de leuke mogelijkheden:

1. Ik kan doorlopend op Hyves en Facebook! Tja, dan kan het al niet meer stuk.

2. Ik kan blogs schrijven waar en wanneer ik wil, want met een app voor notities en een tekstverwerkend programma, kan ik direct mijn inspiratie kwijt. Nog beter dan het voorgaande!

3. Vanaf nu gaat er één tas minder mee op vakantie; boeken zijn niet meer nodig. Met een boekenkast in de phone en Marcel die 4700 boeken te importeren heeft, kunnen wij ons hart ophalen. Lezen vanaf de smartphone is niet verkeerd. Zelfs donkerte is geen probleem: de phone geeft zelf licht. Wat een uitkomst!

4. Dan de Apps niet te vergeten. Hoe vaak Marcel niet thuis is gekomen vanaf zijn werk en me zegt welke apps ik moet hebben. Toe maar, zet er maar op! Zo ook een vriendin, (ik noem je naam niet hoor, Evelyne) geeft me nogal eens tips over apps. Van lachwekkende, tot nuttige. We Whattsappen wat af!

Pas nog zei Marcel: “Het duurt niet lang, dan kan je dingen scannen en herkent een app het.” Nou, in de vorm van Appie, heb ik er al super veel aan. Ik scan een streepjescode en olé het is geplaatst in mijn boodschappenlijstje. Geweldig! Zet de boel op looproute, en ik zou, als ik niet met verschillende mensen even een praatje maak, nog sneller klaar kunnen zijn bij Appie Heijn. Nog even en dan hoef ik alleen de achterklep open te doen en een app doet alles in de auto.

Nu hoopt Marcel op een app met foto herkenning. Je kent het wel: Je ziet een beestje dat je niet kent. Neem een foto, upload ‘m en een app weet wat het is: een Kaalkop-Hieperdepiephoera-Kevertje of zo. Marcel zegt nog: “Het zal niet lang duren, dan bestaat het.” En ik: “Ja hoor schatje, vast!” Zucht, wéér een nieuwe app.

Wat blijkt? Het bestaat! Het heet: Google Goggles! Deze app is in de Bèta fase, of een slechtere fase, waarin hij nog verfijnd en geperfectioneerd moet worden. Hij werd gedownload door manlief waarna hij een foto maakte van een vork. Wachtte even en kreeg als optie: een geweer?! Hij nam een foto van de vork op het tafelkleed en kreeg als optie allerlei dingen die meer op het tafelkleed leken. Ik kijk bedenkelijk: de Bèta fase? Hoe gewoon is een vork en Goggles herkent die al niet?! Leuke app, schat!

Maar wacht! Een schilderwerk dat ik heb nageschilderd van een beroemde schilder, werd herkend. De eerste optie was het originele schilderij! Hoor ik daar applaus?

Dan houdt Marcel zijn Galaxy voor mij en kijk ik aller charmantst. ‘Klik’ klinkt er van de andere kant van de tafel. Marcel en Benjamin, die hem al enkele minuten op de hielen volgt, kijken stilletjes, vooral in spannende afwachting naar het schermpje.

Ineens…
Een oorverdovend gelach! Zo hard, zo vreselijk intens. Twee mannen rollen zowat over de tafel van het lachen. Helemaal in een deuk loopt Marcel om de tafel naar mij. Ik voel angst opborrelen. Wil ik wel zien wat er komen gaat? Krijgt mijn eigenwaarde een deuk?

Marcel houdt zijn Galaxy ondertussen onder mijn neus…
Mijn glimlach verdwijnt als sneeuw voor de zon. Eén ding weet ik zeker.
Ik ga Google Goggles NOOIT EN TE NIMMER OP MIJN SMARTPHONE DOWNLOADEN.
Ze mogen ‘m houden in welke fase hij ook zit!
 

woensdag 13 juli 2011

Zwemplezier!?

Vaux sur Mer

We zijn in ons favoriete vakantieland, La France. Hier hebben ze zo hun eigen zwembad regels. Ik zet er wel met recht mijn vraagtekens bij!

Hier volgen er een paar, ze staan gelukkig ook in het Nederlands op het bord vermeld:
  • "Niet duiken". Logisch als het bad maar anderhalve meter diep is! We zouden onze nek eens breken en de camping aansprakelijk stellen. Hupsakee, daar duikt iemand het zwembad in. Oh, het is Marcel... "Alles goed met je nekkie?"
  • Je mag elkaar niet in het water duwen. tja, je zou de ander nou net verkeerd duwen; stoot hij zijn hoofd of breekt zijn been tegen de rand. Auw! Zie ik Celine toch uitdagend naar me kijken. Ze wil me in het water duwen, dat zie ik aan de twinkeling in haar ogen. Ik wijs haar op deze regel, ze druipt kletsnat af. Sip. Maar ik blij met deze regel, heb net mijn krullen goed in de krul.
  • Je mag alleen in een strakke zwembroek, niet in die boxers van tegenwoordig. Moesten we dus eerst naar de winkel voor twee nieuwe zwembroeken. Ik zal hier niet vertellen over hoe we gelachen hebben om een super dun kontje in een nieuwe zwembroek. Er bleef geen body meer over. Hooguit een paar spillebeentjes!

Maar dan lees ik verder op het bord met verboden en frons mijn wenkbrauwen. Wat staat daar nou? "Officieel verboden: zonder zuurstofmasker". Mag ik zonder zuurstofmasker het water niet in? Moet ik toch wéér naar de winkel. Als het zo doorgaat, ben ik eerder thuis dan ik ooit in dit zwembad zal zijn.

Trouwens, met een beetje pech, gaat een bezoek aan dit zwembad écht aan me voorbij, want de weersvoorspellingen zijn ons niet erg vriendelijk gezind.

Wacht, ik lees even de Engelse vertaling, misschien begrijp ik het niet helemaal. Dat heb ik vaker meegemaakt hier: Bij de douches mogen we niet aan de wanden 'hagen'.
Hier hielp de Engelse vertaling: ah, 'hanging'! Zeg dan gelijk 'hangen'. Ik hing er juist elke dag even aan. Daar zijn die wanden toch voor?! Beetje rekken, strekken en hupsakee, hangen!!! Aan de wanden van de vouwwagen kan dat niet, dan maar aan de douchewanden toch?!

Terug naar het zwembad.
In het Engels staat: "Absolutely forbidden: Holding your breath under water". Dat doet me toch bedenkelijk denken...

Als ik het goed begrijp: mogen de Fransen in dit zwembad geen duiksport beoefenen. de Engelsen moeten onder water ademhalen en wij Nederlanders moeten juist met zuurstofmasker het water in.
Dus, de Fransen zwemmen er lustig op los, de Engelsen drijven verdronken daar tussendoor en wij Nederlanders lopen voor gek!

Mis ik alleen nog paspoort controle bij het zwembad.




donderdag 30 juni 2011

Auw, kastdeurloze keuken...

Wat een tegenslag... en dat door, of moet ik zeggen, voor een kopje koffie.

Heerlijk! Een bakkie na het avondeten. Geen toetje kan daar tegenop. Sterker nog, onze twee kinderen kunnen bijna hooglopende ruzie krijgen over wie het voor me maakt. Makkelijk hoor, twee bediendes. Deden ze andere dingen ook maar zo graag: hun kamer op ruimen of tafeldekken. Je kan zelf wel andere klusjes bedenken.

Voorlopig geniet ik van hun vrijwillige bijdrage en enthousiasme; neem de ruzies er op de koop toe bij. Vanavond bood Celine aan om mijn bakkie te maken en huppelde naar de keuken.

We schrikken op, tijdens het natafelen, als er ineens gesnik uit de keuken klinkt.
Celine had haar hoofd gestoten tegen een keukenkastdeur. Echt zielig! Wilde ze mij verwennen, krijgt ze dit! Ik troost het meisje, want als iemand weet hoe het is om het hoofd te stoten, ben ik het wel. Het rent dus duidelijk in de familie en dan via de vrouwelijke lijn. Heb nu al medelijden met Celine’s dochter, mijn kleindochter.

Nooit vergeet ik die keer, in Port Grimaud. We hadden heerlijk een poos aan het water gezeten en liepen terug naar de auto. Al lopend kijk ik bij winkels naar binnen tot ik 'kebeng' mijn hoofd écht heel hard, écht enorm hard, écht super hard (ja, je moet even beseffen dat het écht hard ging) stoot tegen een stalen paal. Over hard gesproken. Ik vloek niet snel, zeker niet hardop, maar zelfs wat ik dacht is niet iets wat ik hier ga herhalen. Ik was zo gefrustreerd en boos. Mijn lieve schat wilde me troosten, zoals ik nu mijn meissie troostte. Maar ik wilde het gewoon niet. Hoe stom om je kop te stoten?! Ik voelde me echt een sufkop. Wat een blunder om zó je hoofd te stoten!

Ook stootte ik ‘m nog niet zo lang geleden tegen een betonnen overkapping. Bij de skatebaan, waar ons jongske even zijn hart op kon halen in skateboarden. Na een poosje kijken naar zijn en andermans kapriolen, gingen we weer lopen. Het was inmiddels donker. We lopen de bocht om en al kletsend loop ik zo met mijn hoofd tegen een betonnen overkapping. Weer zo iets hards! Wie heeft dit ook zo gemaakt? Er had een reflextor, of nee, een lamp op moeten hangen. Lastige is dat ik aan de kleine kant ben en het ook echt niet zag… Marcel wel, maar hij dacht dat ik het ook zag en was te laat om me tegen te houden. Wie zou ik hier het hardst willen slaan?

Zo heb ik mijn hoofd nog vaker gestoten. Hij wordt er hard van hoop ik dan.

Terug naar Celine. Met een koud doekje tegen haar hoofd, neemt ze haar plek aan tafel in. Marcel vraagt zich hardop af, wie er ook kastdeuren in de keuken heeft!? Wat is het nut van kastdeuren?
Gegrinnik…

Er volgt stilte, waarin het nasnikken van Celine verandert in gelach. We proberen ons een kastloze keuken voor te stellen, denk ik. Ik al genietend van mijn bakkie en in afwachting van Marcels verdere commentaar, want één ding is zeker, hij komt met meer om er een melige switch aan te geven. De lol is compleet, de tranen vergeten, als Marcel ineens ernstig zegt: “Keuken er uit of Celine’s kop eraf!”
Waarop ik hard roep: “Geen kop gaat hier rollen, de keuken gaat eruit!” Yes!
Komt daar éindelijk de nieuwe keuken in het vizier?
Uhm, wil ik wel een kastdeurloze keuken?

Daar moet ik mijn hoofd nog een keer voor stoten

zondag 12 juni 2011

Suikerbietensalade en Bosgroentesoep



Wat was het leven goed in Epen, Zuid-Limburg, waar we een tweetal weekenden hebben vertoefd. Nou ja, het weer was het tweede weekend soms even minder fijn. Het kon ons echter niet deren, want wandelen kan altijd. Regenjassen mee, extra vest aan, natje & droogje in de rugzak, en wegwezen. Een leuke route van rond de 10 kilometer was bedacht. Ik had er zin in en dacht: Onze kinderen moeten dat fluitend kunnen lopen. De avondvierdaagse (4 x 10 km) lukte, dan moet dat hier in het heuvelland zeker lukken. Hupsakee, geen gepiep, gezeur, getreuzel. Lopen met die hap!!! Kilometers vreten, daarvoor zijn we hier!
   “Ik heb een potje met vet…”

We waren nog maar een kilometer of drie verder of er klonk me toch ineens een gemopper! Had ik niet gezegd:
   "Geen gepiep, gezeur,getreuzel?"
   Eén van de kids zet het na een kwart van de route tóch op een piepen!? Zei daar iemand:
   "Ik ben moe!"?
   Mijn oren werken niet helemaal 100%, dus ik hoopte het niet goed te hebben gehoord. Tot honderd meter verder de vraag klinkt of we even op een bankje konden gaan zitten. Nou goed dan, we dronken wat, aten een appeltje en vertrokken weer.

Wat schetste onze verbazing?! Het mopperende meisje, had blijkbaar gewoon een snack nodig, want nu liep ze neuriënd verder. Er klonk geen piep meer uit dat strotje, maar zang. Voor de insiders, leuk om te melden dat het nummers waren als: ‘Ga en strijd en werk, van de morgen aan'. Stapte ze over op 'Voorwaarts Christen strijders'. Hoe verbazend om te zien hoe die dame opleeft na een hapje eten. En hoe!
   Nog verbazender dat ik als ouder, dat nou nog steeds niet in mijn systeem heb zitten als automatische reply op haar gemopper. Hoe vaak heb ik niet meegemaakt dat die heerlijke meid van ons, zwaar chagrijnig thuis komt van school en na te hebben gegeten, gewoon fluitend door de kamer stuitert. Een metamorfose, dat wil je niet weten!!!

Even terug naar de wandeling…
   We zijn ondertussen ruim over de helft als Benjamin, (die een spoor van vernielde brandnetels en ander ongewas achterlaat, omdat hij met een zwiepende tak alles neer maait), een paar aren vindt. Hij vraagt mij wat het is, tarwe, gerst of volkoren, maar ik weet het niet, ben toch geen boerin? Hij vraagt of we er brood van kunnen maken? Wat we daarvoor nodig hebben? Of ik in de tent olie, zout, water, gist e.d. heb? Oh ja, joh natuurlijk we hebben alles in de tent! Het is all inclusive, als het aan de kids ligt.
   Oven erin, beter nog, een brood-bakmachine. Zie het al voor me.

Als we nog verder lopen vinden Benjamin en Celine ook een suikerbiet met verlepte bladeren. Of we dat kunnen eten. Koeienvoer? Hoe dan ook, het moet mee.
   Al snel hebben zij hun handen vol met aren, een bosje bloeiend gras, die suikerbiet, dennenappeltjes en nog een onbekend ‘groentetje’ waar binnenin een soort van erwtjes zaten.
   Al verder wandelend en richting eind van de route, hoor ik aan hoe er plannen worden gesmeed om met deze ‘groenten’ iets lekkers te gaan maken. Zo blijkt dit een van de leukste wandelingen ooit, want het was een waar genot om hen te horen overleggen over hun kookplannen.
   Zouden zij het dan ook door hebben als wij de route nog even langer maakten? Ik wil nog wel even verder genieten.

Eenmaal bij de tent, komen de zakmensen tevoorschijn en snijden onze chef-koks in dop hun 'groenten' met veel liefde klein. Ze spreidden een enthousiasme ten toon, die me de gelukkigste moeder op aarde maakt. Na een tijdje snijden en sorteren, houden de kids werkelijk twee prachtige borden onder mijn neus:
   ‘Suikerbietensalade’ en ‘Bosgroentesoep’.





zondag 5 juni 2011

Inspiratie is zoek.



Weer thuis na heerlijke dagen in Zuid-Limburg wil ik een blog schrijven. Alleen… Inspiratie ontbreekt. Zou het me lukken, uit het niets? Help me hopen!

Er zijn het afgelopen weekend heerlijke momenten geweest. Momenten die ik eigenlijk niet wil vergeten, maar zo snel voorbij zijn en als herinnering ergens weggestopt zitten in mijn koppie, waar ik zo 1-2-3 niet meer bij kom. Nu wenste ik dat één zo’n dingetje zich weer even aan me opdringt, me inspireert. Dat zou zó fijn zijn.

Zou mijn non-inspiratie kunnen komen omdat ik moe ben? Het ene moment wakker worden in een zonovergoten oord om het volgende moment thuis te zijn? Voor jou misschien niet herkenbaar als, maar voor mij, een omschakeling die wat van me vraagt.

De afgelopen dagen deden me trouwens wel heel erg denken aan Zuid-Frankrijk. ’s Ochtends wakker worden in de tent waar het zó heet is, dat je jezelf in een sauna waant. Werkelijk, ik vlucht dan de tent uit, de stoom komt me uit de oren. Als ik op dat moment in een zwembad zou duiken, zou het water sissen. Zulk mooi weer hebben we zelden gehad, tijdens welk weekendje weg ook, in eigen land. 
   Zó is nou Nederland: Kurkdroog, drijfnat of bloedheet. We kennen hier toch geen tussenweg? Het is uitersten, we klagen steen en been, want het is te heet, te nat, te droog, te koud, te wat dan ook! Maar hoorde je mij klagen de afgelopen dagen? Nah, je mag het Marcel of Benjamin vragen. Het enige wat over mijn lippen kwam:
   “Gelukkig is het niet zo koud!”

Ach ja, het afgelopen weekend.
   Ik was omringd door alleen mijn mannekes, mistte toch wel mijn meissie. Ik dacht veel aan haar, hopend dat ze het fijn en leuk zou hebben op haar plekje, een scoutingkamp. Hoewel ik via mijn mobiele een sms zou kunnen sturen, deed ik dat niet. Ik wil niet de mama zijn die haar op de nek zit en misschien zou mijn sms juist niet gewaardeerd worden. Ik mistte haar gewoon een beetje bij onze activiteiten. Toen ik zaterdag een sms van haar kreeg, schrok ik eerder van het tijdstip dan van het bericht zelf. Het was rond 24.00 uur?! Ik lag er duidelijk eerder in dan zij. Een volgend berichtje kwam een dag later en zo wist ik, die meid had het leuk. Mijn moederhart was gerust gesteld.
   Nog meer toen ik haar vandaag over het terrein van haar kamp voorbij zag rennen. Ze zwaaide me terloops toe met een big smile. Elkaar even zien was genoeg.

Eenmaal allemaal veilig thuis, was daar even een overheersend gevoel. Dit wilde ik vast houden, niet laten wegstoppen op een onvindbaar plekje in mijn koppie, daarom maar hier vastleggen.
   Die mensen die me het meest dierbaar zijn, waren hier bij elkaar, allemaal veilig! Dit maakte me even helemaal blij. Blij was ik al, want het weekend gaf zoveel moois: prachtig weer, zo’n mooie omgeving, zulke heerlijke wandelingen, lekkere maaltijden, veel momenten van rust en ruimte, zoveel leuks en goeds. Ik voelde me al zo rijk aan geluk.
   Mijn grootste geluksgevoel van dit weekend was echter een uurtje of wat geleden: gewoon thuis! Het ene kind aan het spelen met playmobil, het andere kind uitgeteld op de bank, mijn man die met de laatste bagage vanuit de auto de huiskamer in liep en ik? 

Ik keek om me heen… en wist: dit is geluk!
   Samen thuis zijn… Veilig en wel.
   Wat een geluk, dit gezinnetje!
   Mijn allergrootste inspiratie zijn en blijven zij!