zaterdag 3 oktober 2026

Opstandingsverhaal

Hoorde jij al het gegak van ganzen die in V-formatie overvliegen op hun weg naar het zuiden? Ik wel. Wandelend door het bos, stond ik afgelopen week even stil en keek naar boven. Genietend van hun vlucht en onbegrijpelijke taal. Of verwonderd, want wie vertelt ze dat zij moeten vertrekken? Ach, ik weet wel Wie.

Terugblik
De ganzen brachten me terug naar 24 juni. Ik zat aan het water van de slotgracht van Kasteel Duurstede en hoorde het oorverdovende gegak van een gans. Wat een druktemaker.
    
Eerder die dag reden Celine en ik daarheen. Zij voor een afspraak met een kunstenaar en ik om eens een ander rondje te lopen dan een overbekend Houtens rondje. Daarbij neem ik altijd mijn notitieboek en vulpen mee. Zie me over de kasseien lopen van de gezellige oude straten en de bewegwijzering naar het kasteel volgen.

Plofjes
Eenmaal daar, wandelde ik het park driekwart rond tot ik me installeerde op een bankje dat in de schaduw stond. Ik keek over het wandelpad en een grasstrookje over het water naar het kasteel. Naast foto’s nam ik allerlei geluiden en beelden in me op en diepte even later mijn schrijfspullen op. Ik noteerde de datum en plek en hoorde rechts van me een doffe plof. Ik negeerde het.
    Tien minuten later klonk weer een plof. Oké, geregistreerd, maar nog steeds schreef ik onverstoorbaar door.
    En plof.

Opstanding
Ik stopte met schrijven. Drukte de dop op de vulpen en keek naar rechts, waar het geluid vandaan kwam. Zo’n vijftien meter bij mij vandaan, onder een joekel van een boom lagen drie fluffy bolletjes op het wandelpad. Terwijl ik keek, leek er eentje door de wind te bewegen.
    En plof.
    Deze vierde leidde me af, terwijl mijn verbazing groeide. Wat zijn dat voor pluizenbollen? Waarom vallen die uit de boom? Ineens stond er eentje op. Niks wind, het had pootjes. Ik wist niet waar ik het had. Wat is dit voor horror? Of was ik getuige van een wonderbaarlijke opstanding live? Ik bedoel maar, vier fluffy’s vallen uit de boom, staat er eentje op.

Noodlottig

Ik durfde niet dichterbij, want vreesde een open kerkhof op het wandelpad. Dit moest toch noodlottig aflopen? Ik keek de fluffy-dood mooi niet in de ogen.
    En plof!
    En weer eentje stond op. Het bleken kuikentjes. Waarom vielen die uit de boom? Waar is papa of mama? Ik bedacht dat een roofvogel al die kuikens in zijn bek verzamelde? Natuurlijk vielen die uit zijn bek. Rotbeest. Ik kan ook geen vijf winterpenen in mijn mond houden? Die donderen er allemaal uit. Groot verschil: wortels vallen dan niet dood.
    Anyway, ik wist geen andere verklaring voor uit-de-boom-vallende kuikens.
    En plof!

Duizelingwekkend
In totaal ploften tien kuikentjes in een half uur tijd uit de boom. De een na de ander stond op, duizelde, wankelde, zakte door de pootjes, rustte wat, stond weer op, stapte een stukje verder, zakte weer door de pootjes, maar stond steeds iets sterker op. Liep het wandelpad over en bereikte de waterkant.
    Oh, wacht, mama was in de buurt, dat was die enorme snatergans. Ze moedigde de kleintjes aan om te komen. En allemaal, de een wat sneller hersteld van de val dan de ander, haalden het water.
    Behalve de tiende. Die plofte mogelijk echt te hard neer. Ik keek ernaar en zei zachtjes:
    ,,Sta op, je kunt het, ik geloof in je, doe het, ga niet dood, plies?" Niet onder mijn watch. Onwillekeurig dacht ik: is het jongste kind altijd de zwakste? Ik mankeer lichamelijk ook het meest. Hoera voor mijn twee oudere zussen.

Gered
Maar gelukkig, nummer tien stond op. Streed langer dan zijn siblings, worstelde zich over het wandelpad, zakte vaker door zijn pootjes en bereikte het gras. Om out of the blue opgemerkt te worden door een teckel. Ik schreeuwde het nog net niet uit: 'Nee! Ga weg! Wat een gruwelverhaal. Hij gaat er aan.'
    Of niet. Het baasje van de hond ontdekte het kuikentje. Plukte het van de grond en zette het bij de waterkant. Het kuikentje racete sneller naar zijn familie op het water, dan ik met mijn gedachten bij kon houden.
    Gered! Ik hing meteen de slingers op, al was het maar getekend in mijn notitieboek. Hup ballonen erbij.

Uitleg
En toen bezocht ik grote vriend Google: kunnen kuikens uit de boom vallen?
    Ik lachte om de zotte vraag. Het antwoord klonk echter verbluffend helder: ja.
    Het komt erop neer dat kuikens van de Nijlgans inderdaad uit de boom springen. Daarbij aangemoedigd door de moeder die ze vanuit het water toesnatert, eigenlijk aansnatert. Zonder angst springen de kuikens. Echt moedig. Door hun lichte botten en zachte vacht overleven ze vaak de val. Gelukkig toen allemaal. En waarom die nesten zo hoog in de bomen? Om ze te beschermen tegen roofdieren op de grond.
    Tjee.
    Wonderlijk!