zondag 5 april 2026

Wereldprobleem

Snotver-regenbui! Waar blijft die lente?!
    Het is pure armoe waar ik op teer. Hoog tijd om mijn winterjas de prullenbak in te mikken. Maar nee, hij hangt weer aan de kapstok. Nu niet piepen dat die jas zo leuk is en dat rood mooi kleurt. Dat is trouwens geen gepiep, dat is waar. Er is echter een tijd van aantrekken en een tijd van uitdoen en de tijd van zwaaizwaai is voor mijn jas gekomen. Jammer, want ik hoor graag de complimenten dat men mij van verre al aan ziet komen en dat het zo leuk combineert met mijn krullen. Ja, het is wel een beetje mijn imago geworden.
    Mensen werden zelfs boos toen ik een dag een donkergrijze jas droeg. Ze herkenden me niet.

Grijs

Maar wie goed kijkt, ziet dat ik voor gek loop. Ik ben overigens niet bang om leuk gek rond te banjeren. Kijk wat mijn voeten vandaag siert: ik ben in mijn eendjes. Waarmee ik zeg dat een beetje gezonde gekkigheid geen kwaad kan. Sterker nog, het maakt de absurde wereld even iets leuker.
    Maar met mijn jas bereik ik een grens. Valt het je niet op dat ik wat verder van je af sta bij een babbeltje op straat of dat ik niet dichter bij je kom zitten op een bankje in het park? Dat is niet omdat ik me schaam voor mijn grijze haren. Die bewijzen 6 herfsten en 48 lentes op mijn naam. Ik zie liever grijs op mijn kop dan grijs in mijn hart. Wauw, die kan zo op een tegeltje.
    Dus hou ik afstand door mijn aftandse jas. Dat ding is pure armoe aan mijn lijf. Door op afstand te blijven, zie jij niet dat wat van ver nog wat lijkt, dichterbij bedroevend lelijk is. Kijk dan!


Zoektocht

En nou niet zeggen: koop dan gewoon een nieuwe.
    Waar denk je dat ik de hele winter naar zocht? Met zoonlief bezocht ik Westfield Mall of the Netherlands. Manlief en ik struinden Utrecht af, brachten een uitgebreid bezoek aan Amsterdam en vereerden Amersfoort met onze aanwezigheid. Met Mr. Spriet van 1.88 m naast moi, bolletje van 1.64 m, liep ik soms amper een winkel in of hoorde achter me:
    ,Hier hangt niets roods,’ of ,Hier hangt geen rode jas.’ Dan liep ik via een rondje kledingrek linea recta weer naar buiten. Meneer overzag het vaak met één blik. Menig kledingverkoper lieten we verward achter met een:
    ,Toedeloe!’

Eisen
Nergens, maar dan ook nergens vonden we een jas die voldeed aan de volgende eisen:
- rood: zeg maar RAL 3020 - verkeersrood. Lekker toepasselijk op straat;
- halflang: want dit bolletje ziet er in een lange mantel nog boller uit;
- getailleerd: ik ben namelijk trots op mijn taille in een tijd dat recht-toe-recht-aan vaker voor lijkt te komen;
- geen jeukstof;
- goede kwaliteit.

Imago
Het ongeslaagd zoeken maakt moedeloos. Hoe kan zo’n leuke jas zo moeilijk te vinden zijn? Zelfs Wehkamp, waar ik deze drie jaar geleden bestelde, verkoopt ‘m niet meer. Ja, wel een zusje, zonder taille. Afschuwelijk! Ik moet er bijna om huilen. Dit is mijn wereldpro… Nee, dit is zeer zeker geen wereldprobleem. Nee zeg! Maar toch… die rode jas in combinatie met mijn krullen, mijn imago. Ik hou daar graag nog langer aan vast.
    Oh wacht, dat is het! Ik verf mijn haar komende winter verkeersrood.
    Opgelost! Ging dat maar zo met alle wereldproblemen.

Hulptroepen
Of… ik roep hulptroepen in. Niet schrikken, daar komt ie:
 
Geloof het of niet; dit is een hele overwinning voor madam zelf-doen. Maar daar waar de nood groeit, leer je hulp vragen. Daarom mijn oproep:

Kijk jij eens mee? Stel dat jij een manteljas ziet die voldoet aan mijn eisen.
App, bel, mail, dm, contactformulier of trek me aan mijn jurk.
Deel een foto, een link, een sample en wie weet kom ik ‘m halen.

    
Nou niet denken: hallo, het is bijna lente, daarna zomer. Die jas vinden we nooit. Misschien leest iemand uit New Zealand mee. Daar is het nu herfst. Ik ben daar (op 1 april) in de herfst geboren en in de lente jarig . Wie weet, hangt daar die jas. Dat zou eigenlijk wel heel tof zijn.
    Wat die mag kosten? Geen € 800,- natuurlijk, zoals ik ergens online een prachtige rode jas vond. Zo rijk ben ik nou ook weer niet. Oh, laat dan die jas in New Zealand ook maar zitten. De reis alleen al is duurder.
    Hoe dan ook heb ik er wel iets voor over om er de komende winter niet zo bij te lopen.*


* met dank aan Marcel voor de foto en AI voor het overdrijven van mijn opdracht de jas te verouderen.

woensdag 21 januari 2026

Tasinhoud

    „…rode jas…”, hoorde ik ergens en wachtte op de woorden ‘en krullen’. Dat bleef uit. Ik bedacht dat het misschien wel gezegd is, maar dat ik het niet goed hoorde. Ik viel duidelijk midden in een uitroep en zocht waar het geluid vandaan kwam.
    Je moet weten dat ik door eenzijdige doofheid in soortgelijke situaties wel íets hoor, maar niet weet wáár ik het hoor. Dat maakt heel onzeker. Met een goed rechteroor klinkt voor mij alles standaard van rechts. Maar het leven leerde me tijdens vijftien jaar slechthorendheid dat de meeste geluiden overal vandaan kunnen komen. Zeker niet alleen van rechts. Daarom kijk ik alle kanten op als ik een geluid of uitroep hoor. Het ziet er vast niet uit voor de roepende. Maar ja, zo gaat het bij mij. Heel onhandig, on-orig eigenlijk vooral, om half doof te zijn.

Ellen
En zo dwaalde ik weer helemaal af van wat ik eigenlijk wilde delen.
    Zoekend naar waar dat ‘rode jas’-geroep vandaan kwam, zag ik ineens Ellen recht op me af komen.
    „Ah, jij riep iets van mijn rode jas,” stelde ik vast. Ze lachte, zoals ik haar ken. Altijd blij en vriendelijk. Zit het bij haar ook in de krullen? Maar dan zonder rode jas. Heel gek is dat niet, want vind maar eens een mooie en goede rode jas. Ik weet ’m dit jaar ook niet te vinden.
    Ellen en ik kennen elkaar al langer. Geen idee hoe lang, want volgens mij groeiden we heel langzaam naar elkaar toe. Het verliep vooral gewoon heel natuurlijk en onbewust, zoals met meer mensen bij de Appie. Natuurlijk, het zal daar eens niet zijn. Daar ligt gewoon mijn sociale netwerk.

Gesjopt
Anyway, ik stapte op Ellen af en begroette haar uitgebreid:
    „Ah, jullie hebben gesjopt.” Ja ja, ik weet, het is shoppen, winkelen, geld over de balk gooien, de economie spekken of hoe je het ook wilt noemen, maar sjoppen schrijft zoveel leuker. Blijkbaar keek ik er nogal nieuwsgierig bij, want Ellen trok direct een van de tassen open. Die tas oogde overigens heel chique. Wat blijkbaar ook zo was, want Ellen vertelde me dat ze de zeeppomp die in die tas zat in een speciale winkel liet bijvullen. Nee, ik weet niet meer hoe die winkel heet, vraag dat maar aan Ellen zelf. Het moet trouwens wel een heel lekkere zeep zijn. Eens zien of ik een keer mijn handen kan wassen bij Ellen.
    Daarna opende ze de andere tas en toonde me haar hele ‘stash’, als in alles wat ze scoorde, terwijl haar dochter meekeek. Leuke meid trouwens. Zo hield Ellen een Linda magazine voor mijn neus en meer. Tot een tussen-de-tenen-ding me opviel. Volgens mij vermindert dat de druk tussen de tenen en voorkomt daarmee onder andere onwenselijke likdoorns.
    Daar zag ik brood in...
    Nee, natuurlijk zag ik daar geen brood in, dat zat er sowieso niet in. Die likdoorn moet ik niet meer zien. Of voelen. Daarom klonk mijn vraag:
    „Waar kocht je die?”
    
„Bij So-Low.” Oei, of all places. Als we daar nou eens stoppen met sjoppen. Dan kunnen Chinese kinder- of andere handjes stoppen met werken en weer spelen. Al hou ik beter mijn mond, want ik draag slofsokken die precies daar vandaan komen. Niet dat ik ze kocht, ik kreeg ze van Benjamin. Volgens mij kreeg hij ze ook cadeau.
    Je denkt trouwens toch niet dat ik sokken met die tekst waag te kopen? Ik durf die tekst niet eens te schrijven. Let op: ku* kou; *ut kou; k*t kou. Zie, het lukt me niet eens. Laat staan dat ik ze zou kopen. Toch ben ik het stiekem wel met die tekst eens. En dat wist Benjamin. Ik bedoel… ik haat kou. Maar om het nou met die andere krachttermen de wereld in te gooien? Dat vind ik lelijk voor onze taal.
    Blijft feit: met het dragen van deze sokken, ben ik medeplichtig aan een aankoop bij So-Low. Da’s k*dt! Dus, hoop ik die anti-likdoorn-dingen te vinden bij Kruidvat of Etos en anders bij de apotheek. Hopelijk slaag ik echt dichter bij huis.

Tasinhoud
Ondertussen houdt Ellen nog steeds haar hele tasinhoud voor mijn neus. Ik bedacht dat zij en ik echt zussen moeten zijn. Van twee anderen wordt gezegd dat zij mijn echte zussen zijn, maar van geen van hen herinner ik het moment dat zij hun hele tasinhoud toonden. Vooral zomaar midden op straat. De vibe die Ellen hier tentoonspreidt, is echter wel helemaal mijn vibe.
    Want stel dat jij en ik elkaar tegen het lijf lopen en je keek net zo nieuwsgierig als ik blijkbaar deed. Dan schroomde ik er net als Ellen niet voor om mijn hele tasinhoud op te diepen. Dan klinkt daar:
    „Kijk wat ik heb gekocht! Leuk hè?"


zaterdag 10 januari 2026

Winterliefde

Okay, I really tried.
Ik gaf er mijn alles voor.
    Wat dat alles inhoudt, leg ik verder niet uit. Dan moet ik dingen bedenken. En daar heb ik precies geen zin in. Daarmee is deze uitspraak totaal nutteloos en nietszeggend. Je doet het er maar mee. Wat blijft? Ik probeerde het en geef nu op.
    Hoor ik jou vragen: Wat geef je op?
    Nou, het omarmen van de sneeuw. Die koude zooi lief te hebben. De natte prut te omstrengelen. Sneeuwpoppen te omhelzen. Echt, ik deed mijn ijskoude best en geloofde er met het plaatsen van een paar mooie foto’s bijna in dat ik eindelijk het sneeuwliefdepunt bereikte.

Schattig rokje

Tot ik een foto zag van een klein meisje op het strand. Van onder haar dikke winterjas piepte een prachtig lichtroze rokje. Het bestond uit tig lagen tule. Schitterend! Haar winterjasje bezorgde me een Michelin-vrouwtje gevoel. Hetzelfde voel ik bij die lange soortgenoten, zeg maar slaapzakken. Mij daar niet in gezien, staat voor geen vrouwelijke meter. Eigenlijk zeg ik liever dat ik ze stom vind, maar ja, ik moet tegenwoordig uitkijken met wat ik zeg.

Ingepakt
Terug naar dat meisje op het strand. Aan haar winterjasje zit een nep-bontkraagje. Van het puntje van haar hoofd tot onder haar kin omhult een wollig mutsje haar koppie. Bovenop zit een lieflijk pomponnetje. Haar handen zitten verstopt in bijpassende wollige wantjes en haar pootjes zitten vast in laarsjes met bont. Alles bij elkaar oogt het als een goed beschermd mensje. Ze kan alleen geen kant meer op. Ze staat stijf van de isolatie.
    Zoomen we even in op het koppie. Dan zie je haar keihard huilen. Ik voel haar intense haat. Boven haar koppie staat dan ook: I wasn’t made for winter.

Bibbers
Aha, ze haat winter. Hardgrondig. That’s me. I wasn’t made for winter too.
    Ik deed nog zo mijn best sneeuw leuk te vinden, maar de haat is niet weg te smelten. Ook niet met een paar mooie foto’s. Never niet, nooit niet ben ik gemaakt voor sneeuw en winter. Die haat zit diep. Maar waarom? Dat wist ik niet te verklaren tot vandaag.
    Ik deelde de foto van dat meisje, waarop een vriend reageerde met: "Ben je gevallen dan? Of gewoon de bibberssss?"
    Gevallen? Nee zeg. Ik kijk wel uit. Mij niet gezien in een sneeuw-fiets-combinatie. Wel zag je mij drie dagen achtereen lopend mijn dagelijkse boodschappen doen. Verschrikkelijk tijdrovend, maar vooral heel veilig voor deze dame met balansproblemen.
    Natuurlijk was ik super blij dat het donderdag-fietsdag was.

Tijdrovend
En de bibberssss? Ja, dat sowieso. Daarmee komen we in de buurt van mijn winterhaat. Potverkoudje, het zit ‘m in de voorbereidingen vóór vertrek. Voordat ik éindelijk klaar ben om de deur uit te gaan, ben ik weet-ik-hoeveel tijd kwijt. Er moet geen brand uitbreken.
    Eerst moet de jas aan. Omdat ik opgepropte mouwen onder mouwen vreselijk vind, moet dat met beleid. Zit het eenmaal goed, dan voel ik me al opgesloten in die winterjas. Knoop ik daar potverstrak een dikke das bij om. Dat veroorzaakt dan weer ellende met die prachtige krullen. Want langer haar + een das = klittengarantie. Natuurlijk kan ik het vastbinden in een staart of zo, maar dan ben ik behoorlijke isolatie kwijt. Daarmee kies ik boven een muts voor klitten. Want ik krijg jeuk op mijn kop van een muts. Dan nog de handschoenen aan en klaar is ze.
    Oh nee, ik moet plassen.
    Alles weer uit en in de herhaling. Ik zei toch: het duurt tien minuten. Jij dacht vast al: wat doet ze dan allemaal?

Verstopt
Daarmee benoemde ik deels, maar zeker niet de hele reden van mijn winterhaat. Die ligt in het antwoord dat ik mijn vriend terugstuurde:
    "Ik vind winter gewoon niet leuk. Al is sneeuw prachtig om te zien. Voor één dag! Maar dan moet je er niet doorheen moeten. Al die kleren aan boven mijn leuke jurken. Het dikke inpakken. Oppassen dat je niet valt. De kou! Bah! Kijk die jurk van dat meisje! Die verdient geen kou!"
    En daarmee is het duidelijk. Alle leuke kleren ten spijt, ze raken verstopt onder een dikke laag winterkleding. Doe ik ’s ochtends zó mijn best om er leuk uit te zien met een kleurrijk shirt of mooie vrouwelijke jurk. Ziet niemand het, want het zit verstopt.
    Dan nog wat: onder zo’n jurk moet een thermolegging. Heerlijk voor buiten, maar binnen smelt ik weer weg bij de eerstvolgende vliegopper. Ik stik! Benauwdheid. Uit, uit, uit dat ding. En dat terwijl ik midden op de dag omkleden vreselijk vind. Moet alles weer op z'n plaats en het haar weer op orde. Wat een gedoe.
    Conclusie: naast het uitglij-gevaar, is de winter een onvrouwelijk seizoen. Het is saai, donker en dik inpakken. Eén ding maakt het ietsjes goed...
    Mijn rode winterjas.





zaterdag 3 januari 2026

Slechtste voornemen

En? Wat neem jij je voor in het nieuwe jaar?
    Toch niet om weer, meer of sowieso te gaan sporten? Vooral geen fitness en al helemaal niet bij Anytime Fitness, toch? Dan moet ik je waarschuwen. Niet doen! Daarin weet ik Marcel niet alleen vierkant, maar ook met twee dumbbells, achter me. Dus, knoop in je biceps: Sporten? Schrappen! Dat is jouw beste voornemen. Bewegen is niet vol te houden. Ga er maar aan staan, minimaal twee keer per week dat gezweet. Bah. Slecht idee.
    Zo blijft er meer ruimte over voor mij.

Traktatie
Oké, ik spreek mezelf wel even streng toe: Wat klink ik, bolle little bitch, toch weer egoïstisch. Nee, ik geef mezelf er niet van langs met een halter. Wel met een kwartier extra crosstraining. Met als mooie bijkomstigheid dat mijn bips en buik daarin grote dankbaarheid tonen. Die genoten de afgelopen weken van heerlijke ossenhaas, lekkere Viennetta, frisse bowl, zoete oliebollen en meer zalige traktaties. Een beetje extra sport-tucht kan daarom geen kwaad.

Synchroon

Hoe leuk dan ook dat ik tijdens de kerstvakantie samen met mijn lief buffelde. Met onze foto ontlokte ik onverwacht schattige reacties op straat en social media. Mensen vinden ons romantisch. Ahw, ik zag hartoogjes.
    Maar hallo! Er is niets sexy of romantisch aan mijn fitness. Het is keihard sappelen. En alle zweetness ten spijt, Marcel en ik werken totaal verschillende schema’s af. De foto is eigenlijk het enige waar we samen aan werkten in de sportschool. Want behalve dat ik langer bezig ben dan Marcel, houdt hij zich bezig met dumbbells en ik met apparaten. Al zou Marcel die laatste zinsnede zo willen lezen: …en ik met geklets.

Extase
Daarmee snap je waarom hij het volgende zei op de terugweg naar huis:
    ,Natuurlijk ben jij langer bezig. Het is óveral hetzelfde met jou. Wáár jij ook bent, je klètst! Bij Anytime met de trainer; in de Appie met Ton en anderen; op straat met Mies, Lies en weet ik hoe ze heten. Waar ieder ander met een half uur de boodschappen binnen heeft, kom jij na anderhalf uur eens een keer aanfietsen. Ik geef je nog net niet op als vermist. Als je nou eens stopt met al dat kletsen…’ Meneer haalt even adem voordat hij doorschalt: ,Als al dat geklets de bedoeling was, dan zou het wel een sport- en kletsschool heten.’ Ik kijk hem verbluft aan.
    ,Wat een waterval aan tekst. En dat uit jouw tetter.’ Zelfs ik moet ervan bijkomen, voordat ik extatisch uitroep: ,Maar dat is een geweldig idee. Ik open de eerste sport- en kletsschool van Houten, nee van Nederland.’

Sportscholen

Ondertussen ploeter ik met gewichtige trots door bij Anytime en snap dat jij je verheugt op die kletsschool. Om toch gains te behalen wil je natuurlijk alvast wat kracht en conditie opbouwen. Prima, maar kies dan voor de blije Happy Bodies, het kwieke Vital Gym, vul het plein van Piazza Sports, hou het simpel bij Basic-Fit of ga naar Body Business, voor het echte lichaamswerk. Al die sportscholen zijn mij te ver van mijn comfortzone. Het zou de uitdaging enkel maar verzwaren.
    Vergeet in ieder geval Anytime. Want nu moet ik soms al wachten op mijn beurt. Als jij er ook nog eens bij komt, moeten we misschien nummertjes trekken. Al vind ik dat altijd beter dan een sprintje.

Eigenwijs
Mogelijk ben je poepeigenwijs en kies je toch Anytime. Bel of mail me dan eerst, want als een vriend of vriendin zich via mij inschrijft, krijg jij een maand gratis sporten en ik een rugzak. Bedenk vooral niet of je wel of niet als mijn vriend te boek wil staan, maar neem die korting. Gun mij die rugzak. Marcel heeft die. Hij kan gewicht hebben.
    Marcel? Jazeker.
    Nee, de rugzak natuurlijk.
    En nog eens nee, hier is geen sprake van betaalde reclame.

Energie
Eigenlijk is sporten helemaal geen slecht voornemen. Wil jij je net als ik verbazen over jouw doorzettingsvermogen en het onverwacht goed volharden? Ga ervoor en schrijf je net als ik direct in voor een jaarabonnement. Dan moet je door, want geld doel- of nutteloos weggooien mag niet.
    Geloof me als ik zeg dat fitness geen enkele keer als een last voelde. Daarom stonden manlief en ik op tweede kerstdag in the gym. Eigenlijk puur omdat ik me er zo goed bij voel. Dan is volhouden geen kunst.
    Ik weet nog dat de trainer bij mijn inschrijving beloofde dat ik me energieker zou gaan voelen. Ik dacht: yeah sure. Ik, meer energie? Ik weet al twintig jaar niet hoe echte energie voelt.
    Nu, drie maanden later erken ik: ik voel me energieker dan ik me in jaren voelde.

Of…
Speelt er iets anders? Is er meer?
    Jammer voor jou, dat komt een volgende keer.